Test | Rose Root Miller 2 29'': eenvoudig en doeltreffend

Techniek
20 November 2017 — Olivier Béart

De Rose Root Miller blinkt niet enkel uit door zijn prijskaartje, dat al rond de 2000 euro begint, en wat je voor dat prijskaartje aan onderdelen krijgt. De fiets, en vooral de geometrie, werd voor de jaargang 2017 stevig onder handen genomen en dat trok onze aandacht om er een test aan te wijden.

Rose is in Duitsland een belangrijke speler op de markt van de directe verkoop. Het merk produceert al geruime tijd fietsen, maar het is pas sinds enkele jaren dat het ook bezig is om de rest van Europa te veroveren. En daarvoor haalde Rose de grove middelen boven om een coherent en interessant gamma samen te stellen. Dat gamma is trouwens nog niet compleet, want met de komst van de Pikes Peak AM (de nieuwe carbon all mountain van Rose) voel je dat de Duitsers de ambitie hebben om aan de troon te zagen van enkele gerenommeerde merken, maar ook aan die van hun landgenoten bij Canyon of Radon.

Toch vergeet Rose ook zijn vele aluminium modellen niet, net zomin als de goedkopere fietsen uit het gamma. Dat is onder meer te merken aan deze Root Miller, een aluminium 29″ met 140 millimeter veerweg (prijs vanaf ongeveer 2200 euro, inclusief verzendkosten). Begin 2017 werd hij stevig gemoderniseerd met onder meer de Boost-standaard waardoor de Root Miller nu ook compatibel is met 27,5+.

Ondanks het prijskaartje valt het op dat de Root Miller tot in de puntjes is afgewerkt, zoals je op de foto’s kan merken. Details als de in- en uitgangen voor de kabeldoorvoer zijn dan ook bijzonder mooi afgewerkt. Rose verkoos ook om de kabels niet onder het bracket te laten uitkomen, dit om te vermijden dat ze blootgesteld zouden worden aan stenen en andere projectielen.

De blauwe kleur geeft onze Rose Root Miller 2 een coole en mooie uitstraling. Helaas is de blinkende lak niet bestendig tegen krassen en schilfert hij ook makkelijk af op gevoelige plaatsen zoals rond het bracket en onder de schuine buis.

Geometrie

De geometrie van de laatste versie van de Rose Root Miller werd licht onder handen genomen om beter te matchen met de vraag en noden van vele bikers. De balhoofdhoek bedraagt voortaan 67 graden, wat anderhalve graad vlakker is dan voorheen. De reach werd 15 millimeter langer en met een lengte van 435 millimeter in de maat M (gecombineerd met een stuurpen van 50 millimeter) zitten we in de gemiddelde waardes van dit moment. Alle maten uit de tabel liggen sterk in lijn met wat we op fietsen als de Specialized Stumpjumper of Scott Spark Plus zien, maar er zijn natuurlijk ook nog radicalere fietsen zoals bijvoorbeeld een YT Jeffsy.

De Rose Root Miller gelooft wel nog steeds in een lange liggende achtervork. Deze meet namelijk 447 millimeter, wat toch een goede tien millimeter meer is dan bij zijn concurrenten. Ondanks dat Rose overstapte op de Boost-standaard, raakt het merk dus niet aan de lengte van de liggende achtervork. Rose verkoos ervoor om voldoende vrije ruimte te behouden zodat de Root Miller ook compatibel zou zijn met 27,5 Plus-banden en een voorderailleur. In theorie helpt dit ook om het levendige temperament van de fiets wat te temmen en meer op het comfort in te zetten.

De ophanging

Geen veranderingen hier. Rose blijft vertrouwen op het Four Bar Linkage-systeem met een Horst Link-scharnierpunt ter hoogte van de liggende achtervork. Deze ophanging draagt de handtekening van Specialized (dat het patent een tijdje in handen heeft gehad), maar het is vooral een van de meest gebruikte ophangingssystemen.

Rose gebruikt deze ophanging op heel haar gamma, met telkens een subtiele wijziging aan de plaatsing van de demper en de bovenste link (die zeer fijn is op onze testfiets). Zo deelt de Root Miller zijn architectuur met de Granite Chief (zijn equivalent in 27,5″ met 150 millimeter veerweg), de Uncle Jimbo (een endurofiets met 160 millimeter veerweg) en de Dr. Z (een 29″ met 120 millimeter veerweg die veeleer bedoeld is voor toertochten).

Op de Root Miller bedraagt de veerweg 140 millimeter en standaard wordt hij uitgerust met een RockShox Deluxe RT3-demper. Optioneel kan je echter ook opteren voor een SuperDeluxe RC3 met een externe cilinder (+152 euro) of een Fox Float Factory (+192 euro). Voor de voorvork viel de keuze op de eenvoudigste RC-versie van de uitstekende RockShox Pike. Het chassis van die vork is van de jaargang 2017 en gelukkig is ook het belangrijkste onderdeel van de vork aanwezig: de Charger-dempercartridge.

Onderdelen

Eén van de sterkste punten bij Rose is duidelijk dat je waar krijgt voor je geld. Net zoals bij Canyon of Radon kan ook Rose zijn prijzen laag houden door de directe verkoop via het internet. Het prijskaartje van onze Rose Root Miller 2 bedraagt 2915 euro, inclusief verzendkosten.

Voor die prijs krijg je een volledige Shimano XT-aandrijving, Magura MT5-remmen met schijfremmen van 203 millimeter vooraan en 180 millimeter achteraan, Spank Oozy Trail 345-wielen met velgen van 30 millimeter …

… een RockShox Reverb Stealth-dropper post en een Race Face-stuurpost (een 80 millimeter breed Atlas 35-stuur en een Turbine 35-stuurpen van 50 millimeter). Je ziet, een mooie keuze waar we niet meteen iets van zouden weggooien of vervangen, of het moest zijn dat je de fiets wat lichter zou willen maken, want het klopt dat deze met zijn 14 kilogram wat aan de zware kant is. Rose biedt trouwens een uitgebreid panel aan opties aan voor het merendeel van de onderdelen (met of zonder supplement). Zo kan je bijvoorbeeld zonder meerkost kiezen voor een 1×11-montage in de plaats van de huidige 2×11. Er bestaat ook een Root Miller 3 (in 29″) en 4 (in 27,5+) met een luxueuzere afmontage (Sram XO1, DT 1501-wielen, Fox Factory-vering, enz) die voor iets minder dan 4500 euro over de toonbank gaan.

Rose Root Miller: de terreintest

Over de kleur van de Rose Root Miller valt er niet te twisten, je vindt het mooi of niet, maar weet dat hij ook nog in het zwart verkrijgbaar is. De framebuizen zijn fijn, net zoals de link. Door zijn grote wielen, zijn stevige voorvork, zijn brede stuur en de brede velgen voel je dat dit geen fiets is om rustig mee te cruisen en naar de vogeltjes te kijken. Of laat ons eerder zeggen, niet enkel om te cruisen, want het eerste dat opvalt is dat de fiets wel zeer comfortabel is ondanks het feit dat de geometrie radicaler is geworden. Ook de veringen dragen trouwens een steentje bij aan dat comfortabele gevoel.

De demper is makkelijk en snel af te stellen (SAG van 30%). Vooraan hebben we echter vier spacers moeten toevoegen aan de Pike om te voorkomen dat de voorvork te fel zou induiken bij het remmen of bij het neerkomen na een jump. Met deze setting en de 29″-wielen met brede velgen (waardoor de Schwalbe-banden van 2.35 een mooie ronding krijgen) is deze Root Miller een echte sofa. Kleine oneffenheden zijn nog nauwelijks voelbaar en ook een opeenvolging van grotere oneffenheden wordt grotendeels afgevlakt.

De achterkant van de fiets heeft een zekere zijdelings flex die we zelfs eerder aan de hoge kant kunnen noemen. Toch wordt het net niet te extreem. Door deze zijdelingse flex is de Root Miller een fiets die niet te veeleisend is voor de bestuurder en waar je je meteen goed op voelt en op blijft voelen, ook al stapelen de kilometers zich op. Het kost dan ook niet veel krachten om deze fiets goed in de hand te houden en het is eerder een grote teddybeer die je zal helpen om de obstakels op het terrein vlot te overwinnen.

De Root Miller is niet bedoeld om een snelle chrono na te jagen. Dit is eerder een fiets om lange tochten mee te rijden op geaccidenteerd terrein. Saai kunnen we de Rose Root Miller nu ook weer niet noemen, want hij gaat best wel snel eens het bergaf gaat. En ook jumps schrikken hem niet af.

De Rose Root Miller heeft iets weg van de trucks in de Dakar-rally die alles wat op hun weg komt lijken op te peuzelen

De fiets is zeer stabiel en hij profiteert optimaal van zijn 29″-wielen waardoor hij de indruk wekt dat hij overal door geraakt. Hij wekt zoveel vertrouwen dat je je soms aan zones waagt waar je voorheen schrik van had. Eén van onze testers vond dat de Rose Root Miller hem deed denken aan de trucks uit de Dakar-rally die alles wat op hun weg komt lijken op te peuzelen. En hij heeft gelijk. Gelukkig beschikt hij over krachtige remmen om tijdig te stoppen. Soms zijn de Magura MT5-remmen zelfs iets te krachtig, vooral vooraan met de remschijf van 203 millimeter en de 4-zuiger remklauw.

In deze context klopt ook de keuze voor de andere onderdelen, zoals het Race Face-stuur met een diameter van 35 millimeter. Op sommige fietsen vonden we deze combinatie te stijf, maar hier werkt het wel perfect (met dank ook aan de uitstekende grips van Ergon). Dat is ook het geval voor de zeer goede Spank Oozy 345-wielen waarvan het dynamische karakter zeer goed matcht met de globale flexibiliteit van de fiets en zijn soms toch wat plompe gewicht. De wielen zijn robuust en door de brede velgen komen de banden goed tot hun recht.

Maar let wel op met de kwetsbare Schwalbe Nobby Nic-banden. Bij ons raakten ze al snel beschadigd want door de DH-capaciteiten van de fiets reden we ermee rond op terrein dat niet echt geschikt was voor de banden. We hebben ze vooraan dan ook vervangen door een Magic Mary om met iets meer vertrouwen die afdalingen te kunnen induiken. Het verlies aan polyvalentie namen we daarbij voor lief.

Rest ons nog enkel een woordje uitleg over een belangrijk hoofdstuk voor dit type fietsen, fietsen waarvan we zeggen dat ze geschikt zijn voor lange tochten: hoe zit het met het rendement tijdens het trappen op de pedalen? Naar ons gevoel is dat best goed, meer zelfs, we waren eigenlijk aangenaam verrast. Gezien het tamelijk hoge gewicht hadden we erger verwacht. Oké, hij wil niet te bruusk bestuurd worden en hij houdt niet van een kanonstart, maar eens hij op dreef is houdt hij het tempo stevig vast en we hebben nooit de indruk gehad dat we een dood gewicht moesten meesleuren. Op steile en technische beklimmingen zijn de lange liggende achtervork en de flex van het frame een voordeel, net zoals de rechte zithouding. De 2×11-aandrijving is in deze optiek ook coherent, maar Rose geeft bij aankoop dus de mogelijkheid om te opteren voor een 1×11-oplossing.

Al is het niet meer dan normaal dat de fiets met zijn afmetingen een zekere soepelheid van de bestuurder verlangt wanneer je, zowel bergop als bergaf, aan lage snelheid korte bochten moet nemen. Er bestaan nu eenmaal geen mirakels. Eens je snelheid kan maken is de fiets heel wat levendiger en schrikken een opeenvolging van bochten hem plots niet meer af. En wanneer je na wat oefenen gewend bent aan de fiets kan je best leven met dit kleine nadeel.

Verdict

Terwijl heel wat trail- en endurofietsen zich steeds meer richten op een ervaren publiek, volgt de Rose Root Miller een klassiekere weg. Hij mag dan wel iets gemoderniseerd zijn, met name de geometrie, toch is deze fiets misschien nog meer bedoeld voor bikers die vinden dat ze de laatste tijd wat over het hoofd worden gezien: zij die wel houden van wat hoogteverschil en technische trails, maar die geen toppiloten zijn. Of nog, zij die niet over een bankrekening beschikken die niet zou misstaan in de Paradise Papers. Voor hen is deze aluminium 29er een echt koopje. Hij is stabiel en je kunt op de fiets vertrouwen. Verder is hij uitgerust met goede onderdelen en een goede vering. Voeg daar nog aan toe dat hij leuk is om te besturen, behalve dan op te smalle trails waar hij zich als een olifant in een porseleinkast zal voelen. Ervaren bikers zullen misschien vinden dat hij net niet stijf genoeg is, maar toch is dit een fiets die we ten zeerste kunnen aanraden.

Meer info op www.rosebikes.nl/producten/fietsen/mtb/trail/root-miller