Costa Rica: Pura Vida

Natuur
6 March 2017 — Paul Humbert

Een kleine Duitse delegatie trok, onder leiding van Richie Schley, naar Centraal-Amerika om er even te ontsnappen aan de gejaagdheid van het dagelijkse leven. En meer bepaald naar Costa Rica, een land dat ingeklemd ligt tussen twee oceanen en Nicaragua en Panama. Het is een aantrekkelijk land dat over prachtige paden beschikt, als je ze tenminste weet te vinden …

Taxi?”, roept men onophoudelijk in onze richting. Het gaat er dan ook hectisch aan toe op de luchthaven van San José. Het is drie uur in de ochtend. Nochtans staat er op ons ticket dat we pas om zeven uur zouden landen in de hoofdstad van Costa Rica … In dat geval had de zon al op geweest, en zou ook onze gids hier geweest zijn om ons op te pikken. In de plaats daarvan lopen we wat verloren met onze slaapogen nog half dicht. Een atletische figuur met een baseballpet en een fietsshort komt ons tussen de menigte tegemoet. Hij ziet er even moe uit als ons, maar al lachend reikt hij ons de hand. Het is Paulo, onze gids. Wanneer we onze tassen in zijn pick-up gooien, vertelt de Costa Ricaan dat we veel geluk hebben gehad. Want toen hij gisterenavond net voor het slapengaan ons aankomstuur nog eens checkte, merkte hij dat we vier uur vroeger zouden landen dan voorzien.

Ontbijt?”, vraagt Paulo terwijl hij in zijn rugzak rommelt, met zijn ogen op het verkeer gericht. Hij houdt ons een doosje voor vol met versgesneden mango. Wauw, heeft hij dat speciaal voor ons klaargemaakt? Paulo grapt: “Nee, ik heb ze uit de koelkast van mijn vader gepikt.

Freeride legende Richie Schley overtuigde ons om naar Costa Rica af te zakken. Tobi Geißler, Sebastian Doerk en ikzelf hadden dan ook niet lang nodig om te beslissen. Het is begin maart, en het idee dat we na een vlucht van veertien uur een week al zwemmend in de zon kunnen doorbrengen, was dan ook onweerstaanbaar.

De volgende ochtend komt Paulo ons ophalen voor een eerste trip. Nu het volop dag is, valt het ons op dat er geen enkele sticker op de achterkant van zijn pick-up kleeft. Vreemd voor iemand die toch van de fiets moet leven en die nationaal kampioen downhill en crosscountry is geweest. Paulo is ook niet meteen geneigd om over het verleden te praten. Hij gaat gewoon door met een zeil over onze fietsen te spannen. Van buitenaf gezien, zou de auto evengoed volgeladen kunnen zijn met bananen.

We trekken naar een hoogte van 2500 meter boven zeeniveau. Een oude farm road voert ons, via bergdorpen en stallen waar paarden en kippen rondlopen, naar een uitzichtpunt. Paulo stopt de wagen ergens in het struikgewas. We kijken uit over groene beboste heuvels waarin enkele weilanden verspreid liggen, en natuurlijk ook de onvermijdelijke koffieplantages. Aan de horizon glinstert de Stille Oceaan in de zon. Maar waar zijn de paden? We volgen Paulo door het struikgewas. Dit lijkt helemaal niet op de start van een trail. Maar vijf of zes meter verder maakt het struikgewas plaats voor een uitnodigende singletrack.

We banen ons een weg door een tunnel varens en klimplanten die aan de bomen hangen. We zijn in de jungle, en het lijkt erop dat alles ons wil opslokken. De grond is kurkdroog en de grip uitstekend, het regenseizoen begint dan ook pas in april. We laten ons gaan op de wortels die er perfect bijliggen.

Paulo is blij om zien dat we ons zo amuseren op zijn ‘kind’, zijn nieuwe trail. En hij wil ons nog meer paden tonen. Deze paden liggen echter niet op zijn eigendom. Costa Rica is ongeveer 200 kilometer breed en het land tussen de Caribische Zee en de Stille Oceaan is onderverdeeld in nationale parken en privé terreinen. Maar als ex-lid van de nationale ploeg van Costa Rica kent men Paulo overal. De mensen vertrouwen hem wanneer hij zegt dat “hij paden bouwt op hun grond, maar dat hij er slechts een klein aantal bikers mee naartoe zal nemen.” We begrijpen nu beter waarom hij in geen te opvallende wagen rijdt en ons eerst door het struikgewas sleurt alvorens op zijn paden uit te komen.

We vervolgen onze weg door het struikgewas. De bochten worden smaller, de temperatuur en vochtigheid stijgt en grote druppels zweet plengen van onze lichamen. We dwarsen twee keer een rivier alvorens we onze eerste tocht eindigen in een koffieplantage. Van daaruit rijden we naar een restaurant naast een waterval. Vermits we toch even moeten wachten op ons eten, maken we dankbaar gebruik van de kans om een buitendouche te nemen …

Voor de tweede tocht neemt Paulo ons mee naar Providencia, dat iets zuidelijker ligt. We zijn nog maar net uit de wagen gestapt, of we lopen al verloren in de jungle die vergeven is van stof en haarspeldbochten. We merken op dat de heuvels, die bezaaid zijn met bossen en weilanden, ons doen denken aan onze trails in het Zwarte Woud.

Het pad voert ons buiten de vallei en er valt geen levende ziel te bespeuren. Plots staat er een man voor ons met een machete. Hij ziet er woest uit, maar hij ontspant echter snel als hij Paolo hekent. Het is Marinho, de eigenaar van het terrein. Hij is op de hoogte van onze komst, want het plan is om de nacht bij hem door te brengen, in een houten hut op zijn boerderij. Marinho was net in het bos bezig om het pad vrij te maken voor onze komst. Als we bij zijn huis arriveren, komt de heerlijke geur van tortilla’s, rijst en bonen ons al tegemoet.

Na één van de lievelingspaden van Paolo afgedaald te hebben, rijden we nog verder zuidwaarts richting de Stille Oceaan. “Mijn droom is om een pad aan te leggen dat op het hoogste punt vertrekt, de Cerro Chirripó, en dat na een afdaling van 3820 negatieve hoogtemeters op het strand zou eindigen”, vertelt hij ons als hij zijn 4X4 over het zanderige pad jaagt. Dolblij staan we aan het vertrek van onze volgende tocht in Dota Valley. Door deze idyllische vallei stroomt een rivier die omzoomd is door kleine houten hutten. Het is er vergeven van de vogels. De toekan met zijn grote snavel vliegt van boom naar boom en een wolk colibri’s vliegt weg als we het terras van onze lodge naderen. Dit is de perfecte plek voor een (of meer) margarita!

Als je in Costa Rica bent, voel je ook dat het land tot de Caraïben behoort. Op het strand van Hermosa kunnen we onze ogen niet geloven. Het strand is immens, het zand is donker, er zijn palmbomen met daartussen een hangmat en er is een surfspot recht voor ons hotel, maar er is geen mens te zien! En alsof dit paradijs nog niet genoeg is, bevinden er zich boven ons ook nog vele trails.

Onze laatste dag begint dan ook met wat surfen, gevolgd door enkele trails naast het strand. Het kost hoteleigenaar José de nodige moeite om ons in de namiddag uit onze hangmat te krijgen om naar de krokodillen te gaan kijken. Behendig bestuurt José onze kleine boot, terwijl zijn collega Jimmy een emmer vol kip bij zich heeft. Het duurt niet lang of we zien een eerste ‘boomstronk’ in het water. Jimmy springt in het water, dat tot zijn knieën reikt, en meteen worden er lange tanden zichtbaar.

Jimmy gooit een meter voor hem wat kip in het water en sommige krokodillen slaan toe. “Ik kom hier terug met mijn kinderen”, roep ik enthousiast tegen José. “Ja, kom maar terug”, antwoordt hij. “Ik weet niet of Jimmy er dan nog zal zijn, maar ik verheug me er al op om jullie terug te zien!

Meer info op www.costaricamtb.com

Tekst Holger Meyer – Foto’s: Sebastian Doerk