Ontdekking | Herbeumont: een winterse graveltocht in de vallei van de Semois

Door Pierre Pauquay -

  • Staff pick

  • Natuur

Ontdekking | Herbeumont: een winterse graveltocht in de vallei van de Semois

Terwijl de wind waait en de kou de natuur bevriest, fietsen we op onze gravelbikes door de vallei van de Semois om de ziel van deze streek in de Ardennen te ervaren. Tijdens de donkere wintermaanden voelt deze streek net nog wat mysterieuzer aan. In Herbeumont zijn nieuwe, permanent gemarkeerde gravelroutes aangelegd; we volgen ze en laten ons leiden.

Tot nog toe bestaan er weinig gemarkeerde routes specifiek voor gravel, al zijn heel wat MTB-routes in Vlaanderen en Nederland perfect doenbaar met de gravelbike. Afgelopen zomer, toen we diep in Wallonië door Herbeumont in de vallei van de Semois reden, vonden we een gloednieuwe IGN-kaart met drie nieuwe gravelroutes. Onze nieuwsgierigheid bracht ons ertoe om deze winter terug te keren naar deze prachtige streek van de Ardennen.

De rust van de Semois

In de vallei van de Semois stroomt het leven vredig voort op het ritme van deze rivier, die afwisselend kalm en wild is. De eerste route voert je door deze authentieke regio, die zich uitstrekt over twee landstreken: de Gaume en de Ardennen.

In Herbeumont valt op deze winterdag vooral de stilte op. Dit vredige dorpje, gelegen aan de oevers van de Semois, lijkt ver verwijderd van de drukte van het toeristische stadje Bouillon. De afgelegen locatie was ooit het domein van een machtig fort.

Net als we aan de gemarkeerde route beginnen, breekt de zon door de lage bewolking heen. Het belooft een prachtige dag te worden. De route loopt al snel het bos in, langs een schitterend beukenbos en een beekje, de Antrogne.

 

Een flinke afdaling brengt ons aan de oevers van de Semois. Het pad langs de rivier is adembenemend. De bleke zonnestralen en de opstijgende mist creëren fantastische schaduwen.

Uitgestrekte bossen

De Ardennen en zijn uitgestrekte bossen omsluiten ons geleidelijk: het volgende dorp ligt op meer dan tien kilometer afstand. Hoewel de rivieroevers niet wit zijn geworden van de vorst, is de vorst wel als een delicate laag kant over de boomtoppen gedrapeerd.

 

Aan weerszijden van de weg zien we niets anders dan omgewoelde grond. Een teken dat het everzwijn, symbool en legende van de Ardennen, hier is langsgekomen. Boven op de top galmt het piepen van onze remmen door het hele gebied. Alsof we ons schamen om er te zijn, remmen we niet te hard om de bewoners niet te storen: we zijn er immers maar op doorreis.

De paden zijn drassig, maar de stabiele ondergrond stelt ons in staat snel door het hart van het bos van Epioux te trekken. Het leidt ons naar een land van licht, de Gaume, befaamd om zijn zonneschijn. Dit is duidelijk te zien in het essenbos, een soort die goed gedijt in het mildere klimaat in vergelijking met het strengere klimaat van de noordelijke bossen.

We laten de Ardennen achter ons, waar de winter zo goed bij de rivier past. De Semois stroomt loom over de vlakte en langs dorpjes zoals Chassepierre, waar in de zomer een beroemd straatfestival plaatsvindt.

We nemen smalle landweggetjes en vervolgens weer brede, vlakke paden: exact de keuzes die je van een onverharde gravelroute mag verwachten.

Een rivier, een bron van leven

Bij Sainte-Cécile passeren we het laatste huis voordat we het grote bos ingaan. De rivier heeft een landschap van smalle meanders uitgesneden in het Ardennenmassief: de Semois is een ruimte op zich. We zien hem als een zilveren slang, die zich een weg baant tussen de beboste heuvels en rotsachtige hellingen.

We gaan op in het landschap van de rivier, die dampt met slierten mist. Langs de oevers houden we de wacht. En het geluk is aan onze zijde: een eekhoorn rent langs onze wielen, terwijl verderop een kudde herten het pad oversteekt.

Verderop zien we grote witte reigers over de mistige Semois vliegen en tot onze verbazing, in een kolkende massa water, een pluk vacht: een bever! Aan de overkant weerklinkt de kreet van een roofvogel.

De monniken van Conques

Het pad loopt langs het wateroppervlak en komt langs een stuwdam, de Vanne des Moines, die ooit door de monniken werd gebouwd en al eeuwenlang de voortdurende stroming van de rivier weerstaat.

Als je Herbeumont nadert, zie je de priorij van Conques – gebouwd door cisterciënzer monniken van de abdij van Orval – verscholen in een voormalige zijarm van de rivier de Semois. In de middeleeuwen maakte de arme grond landbouw onmogelijk. Daarom maakten de monniken gebruik van het omliggende bos. De gemeenschap leefde in vrede tot 1795. Op de vlucht voor de revolutionairen was hun enige redding te danken aan de rivier die ze overstaken …

Rondom de priorij liggen drie vijvers waar de kleine fuut en de watersnip leven, zeldzame soorten in ons land. Het allerlaatste deel van de route klimt steil omhoog: door ons gebrek aan kracht en conditie zijn we genoodzaakt om te voet verder te gaan, de enige keer dat het ons vandaag overkomt.

 

In Herbeumont proeven we in het kleine restaurantje ‘La Fille du Boulanger’ van overheerlijke galettes.

Leisteen

De voormalige spoorlijn Bertrix-Herbeumont-Muno werd aangelegd tussen 1902 en 1914. De bouw vond plaats in een tijd waarin ingenieurs zich niet snel lieten afschrikken door uitdagend terrein. Dit blijkt uit het indrukwekkende viaduct, waarvan de zeven bogen de 38 meter lager gelegen rivier overspannen. De voormalige spoorlijn is nu een aangenaam wandelpad, de ‘Voie des Pierres qui Parlent’ (Pad van de Sprekende Stenen).

Aan de hand van informatieve panelen wordt de rijkdom van de regio rond Bertrix belicht, een rijkdom die te danken was aan de winning van leisteen. Van Fumay in Frankrijk tot Martelange in het Groothertogdom Luxemburg bracht een lange ader van leisteen zowel voorspoed als tegenspoed aan allen die deze leisteen uit de aarde haalden. Verderop bewaart de leisteengroeve La Morépire in de Aise-vallei de herinnering aan deze mannen, de ‘Scailletons’, die afdaalden om de steen te breken met houwelen en dynamiet. Eeuwenlang schraapten, groeven en zwoegden ze, braken hun rug, vergiftigden hun longen en werden blind.

De regio werd ook gekenmerkt door een periode van ontberingen na de eerste leisteencrisis in 1888. Deze sombere sfeer dreef veel inwoners van Herbeumont ertoe het land te verlaten. Ze namen de trein naar Antwerpen, waar ze aan boord gingen van een stoomboot naar de Nieuwe Wereld. Het was een van de grootste massa-uittochten in de Belgische geschiedenis.

In Morthean blaast de wind de rook uit de schoorstenen weg. De geur van brandend hout vermengt zich met die van veevoer.

De grafstenen op de oude begraafplaats betoveren ons.

Vanuit Cugnon leidt een lange klim naar Auby-sur-Semois. Langs de bergkam kronkelt de rivier om ons heen. Het pad is prachtig. De Semois glinstert in de winterzon, verwarmt ons lichaam en verdrijft de melancholie van deze winterdag.

Praktisch

In Herbeumont zijn drie gemarkeerde gravelroutes:

De eerste route loopt zuidwaarts richting de regio Gaume. Deze route doorkruist het bos van Epioux en volgt de oevers van de Semois, goed voor 31 km en 609 hoogtemeters.

De tweede route loopt richting Mortehan en vervolgens Cugnon en biedt een adembenemend panorama over de vallei van de Semois. Deze route is 38 km lang en telt 834 hoogtemeters.

De derde route volgt de prachtige groene route ‘Talking Stones’ en verbindt de dorpen van de gemeente. Ze is 31 km lang met 607 hoogtemeters.

Bewegwijzering:

De routes zijn gemakkelijk te herkennen dankzij de nieuwe officiële pijlen met de letters GRVL. De route is perfect gemarkeerd.

De kaart is verkrijgbaar bij het VVV-kantoor van Herbeumont. Grand’Place 1, 6887 Herbeumont: www.herbeumont-tourisme.be

Voor de gpx-tracks, kijk: www.paysdebouillon.be

Door Pierre Pauquay