Test nieuw | Orbea Wild LT RS Avinox 2027: minder watts, des te meer plezier …

Door Olivier Béart -

  • Staff pick

  • Techniek

Test nieuw | Orbea Wild LT RS Avinox 2027: minder watts, des te meer plezier …

Voor deze derde generatie van de Wild kiest Orbea voor een samenwerking met Avinox in het ‘Full Power’-segment (zonder Bosch overigens volledig te laten vallen, dat leggen we je verderop in het artikel uit). Maar achter de wissel van motorleverancier schuilt een heuse filosofie over hoe je de trapondersteuning en het rijwielgedeelte beheert. Het Baskische merk vaart hiermee resoluut tegen de stroom in van de huidige wedloop om het pure vermogen. Orbea heeft er namelijk voor gekozen om het vermogen van de M2S op de nieuwe Wild te begrenzen tot 750 W, terwijl de motor tegelijkertijd grondig is geherprogrammeerd om hem directer en responsiever te maken. Een gedurfde maar gewaagde strategische keuze die we je tot in detail uitleggen én die we al uitgebreid in de praktijk hebben kunnen testen.

Het platform Wild, dat in 2018 in een radicaal andere vorm het levenslicht zag, vond zijn hedendaagse filosofie tijdens de herontwikkeling van 2020. Voor modeljaar 2027 is men niet met een volledig schone lei begonnen. Men heeft voortgebouwd op de feedback van de wedstrijd-ontwikkelingsafdeling van Orbea, het OOLab. Dit lab is met name betrokken bij de downhill, waar we ons herinneren dat Martin Maes in de wereldbeker een motorloze Wild gebruikte als ontwikkelingsbasis voor het team. Daarnaast heeft Orbea ervoor gekozen om over te stappen op Avinox als motorleverancier, om verschillende redenen die we hieronder in detail zullen toelichten.

Een Avinox-motor? Zeker, maar wel met het ‘RS’-label in een typisch Orbea-jasje

De keuze voor de Avinox M2S-motor is natuurlijk een grote verandering op deze nieuwe Orbea Wild RS. Het Baskische merk behoudt overigens wel de Bosch-motor op een nieuwe TR-versie van de Wild, wat in feite de oude, licht herziene en toegankelijkere versie is.

Als Orbea voor Avinox heeft gekozen, is dat niet om mee te doen aan de cijfertjesoorlog en om trots te kunnen pronken met een motorvermogen tot wel 1500 W. Integendeel zelfs, want het vermogen op de Wild is begrensd op 750 W, maar wel met een koppel dat op 130 Nm blijft steken! Hoe dan? Omdat Orbea erin geslaagd is de Chinese fabrikant Avinox ervan te overtuigen de software van de motor volledig voor hen open te stellen. Hierdoor konden ze er hun eigen RS-logica (Rider Synergy) op toepassen, die tot nu toe was voorbehouden aan hun lichte modellen (de Rise SL en LT).

Vergeleken met de originele technische specificaties van de Avinox-ondersteuning, die piekt op een maximaal vermogen van 1300W (Turbo-modus) en zelfs 1500W in Boost-modus (maximaal 60 seconden beschikbaar), merkten de teams van Orbea dat deze overdaad in de praktijk contraproductief kon werken. Het zorgde namelijk voor een aanzienlijk verlies aan grip tijdens zeer technische beklimmingen.

Orbea heeft daarom van Avinox volledige toegang tot het systeem gekregen om de firmware op exclusieve wijze te herschrijven. We hebben het hier dus niet over een simpele personalisatie zoals elke gebruiker van de Avinox-motor kan doen, maar over echt diepgaand maatwerk dat specifiek is voor Orbea – vergelijkbaar met wat ze eerder al met Shimano deden voor de Rise.

Standaard is het maximale vermogen dus bewust begrensd op 750W, terwijl de ‘Boost’-modus van 1300W wel beschikbaar blijft, maar dan tijdelijk (maximaal 60 seconden). Productmanager Xabi Narbaiza legt uit: “Dit is een bewuste keuze. We hebben geen fiets voor iedereen gemaakt. Het doel van een goede e-MTB is volgens ons niet om hard te rijden op grote, brede paden of te pronken met hoge cijfers op een technische fiche. Voor ons is de Wild LT een echte mountainbike die gemaakt is om efficiënt te zijn op technisch terrein, op een natuurlijke manier, als een verlengstuk van de rijder. En daarvoor is niet het brute vermogen van belang, maar de manier waarop het wordt geleverd. We wilden liever minder, maar wel beter.”

Het maximale koppel van 130 Nm blijft daarentegen behouden, omdat Orbea van mening is dat dit essentieel blijft bij het relanceren bij een zeer lage trapfrequentie (40 tot 50 omwentelingen per minuut), wat erg vaak voorkomt bij het mountainbiken.

In ruil voor dit naar een redelijker niveau teruggebrachte vermogen, heeft het merk de pijlen gericht op de dynamiek door de motorsoftware te herzien. De algehele reactiesnelheid van de ondersteuning is naar verluidt drie keer zo snel in vergelijking met de originele Avinox-programmering, die bewust wat ‘rustiger’ was afgesteld om het extra vermogen beter te behappen. Orbea wilde daarentegen juist een motor die de variaties in het vermogen en de trapfrequentie van de fietser zo nauwkeurig mogelijk volgt.

Dankzij een herconfiguratie van de interne sensoren is het systeem ook 5 keer zo gevoelig ter hoogte van het crankstel. De rotatiehoek die nodig is om de ondersteuning te activeren, is tot een minimum beperkt. Dit verbetert de reactiesnelheid, wat een cruciale parameter is in technische passages waar de trapfrequentie en het geleverde vermogen van de fietser voortdurend veranderen, en waar het belangrijk is dat de motor nauwkeurig volgt om efficiënt te zijn.

De ondersteuningsstanden zijn ook herzien in een ‘sportievere’ richting (hiermee wordt bedoeld dat de fietser zelf fysiek meer inspanning moet leveren), en de Auto-modus is nu direct na de Eco-modus geplaatst in plaats van ervoor. Alle standen blijven aanpasbaar door de gebruiker, binnen de door Orbea gestelde grenzen (dus geen mogelijkheid om de 750W te overschrijden, althans niet in de basisstanden – zie hieronder).

Met de nieuwe programmering claimt het merk een gemiddelde winst in actieradius van meer dan 20%. Dit maakt het mogelijk om ofwel langere ritten te maken, ofwel met een kleinere – en dus lichtere – batterij te rijden, wat de fiets nog speelser en wendbaarder maakt. De Wild LT zal overigens worden aangeboden met twee batterijopties in de MyO-configurator: 800 en 600 Wh.

Blijft de vraag die iedereen zich stelt: kun je desondanks toch profiteren van het volledige vermogen van de Avinox-motor? Aanvankelijk zei Orbea van niet, maar uiteindelijk is het antwoord toch positief: hiervoor hoef je alleen maar je eigen aangepaste modus (of modi) aan te maken in de Avinox-interface. Je krijgt dan toegang tot een instelling van het vermogen tot en van het koppel tot . Dit kan in bepaalde omstandigheden en voor bepaalde mensen nuttig zijn, maar zoals we verderop zullen zien, biedt de programmering van Orbea in de praktijk grote voordelen.

RS gaat ook hand in hand met integratie

De andere kant van het partnerschap met Avinox ligt in de eenwording van de stroomvoorziening. Orbea heeft een specifieke codering ontwikkeld om los te komen van de randbatterijen: alle elektronische componenten van de fiets (draadloze derailleur, stuurbediening, telescopische zadelpen en eventuele slimme Fox eNeo-versnellingen) worden rechtstreeks gevoed door de hoofdbatterij van de motor.

Op de high-end modellen valt op dat Orbea zijn eigen RS-bediening gebruikt, waarmee je van ondersteuningsmodus kunt wisselen en hun ‘eigen’ elektronische zadelpen kunt bedienen. De andere modellen maken gebruik van de klassieke Avinox-bedieningen.

Naast de esthetische vereenvoudiging en het praktische aspect (slechts één stekker in het stopcontact om de hele fiets op te laden), levert deze technische oplossing een gewichtsbesparing op van 200 tot 300 gram door het weglaten van individuele accu’s en houders. Hoewel het beheer van de modi momenteel nog verloopt via de Avinox-app, staat een volledige integratie in de Orbea-app gepland voor het einde van het jaar. Tot slot is er een specifieke frontplaat op de stuurpen ontworpen om de verlichting van het merk strak en netjes te integreren.

Frame: gewichtsbesparing en verfijning van de kinematica

De keuze voor het Avinox-systeem is daarnaast ingegeven door mechanische vereisten: dankzij de compactheid van de motor kreeg Orbea meer vrijheid bij het positioneren van de draaipunten van de achtervering, die een veerweg van 170 mm heeft. Orbea heeft ervoor gekozen om de anti-squatwaarde met 20% te verlagen ten opzichte van de vorige versie, om zo te stabiliseren rond een ‘sweet spot’ van 90%.

Het doel is om het achterwiel tijdens het trappen aan de grond geplakt te houden en een maximale tractie te hebben. “We verkiezen een goede originele kinematica boven het moeten terugvallen op systemen zoals OChain of DF om de vering vrij te maken. Deze systemen werken in de afdaling, maar beïnvloeden het gedrag tijdens het klimmen of bij het krachtig aanzetten in de bochten.”

Op de weegschaal duikt de Wild LT in zijn topconfiguratie onder de 21 kg-grens met een 800 Wh-batterij, en met een batterij van 600 Wh benadert hij de 20 kg. Dit betekent een gewichtsbesparing van bijna 1 kg ten opzichte van de vorige versie, die al behoorlijk licht was. Het volledige carbon frame (inclusief de link) weegt naar verluidt 2,6 kg zonder demper, wat een winst van 100 g oplevert vergeleken met het vorige frame. Er zal ook een aluminium versie met gepolijste lasnaden (Smooth Welding) worden aangeboden, met een gewicht van 4,5 kg (-250 g ten opzichte van de voorganger).

Om dit gewicht te bereiken en tegelijkertijd een hoge structurele stijfheid te behouden, heeft Orbea gekozen voor een vaste batterij. Dit is een duidelijke technische keuze: het merk geeft de voorkeur aan dynamisch rijgedrag boven alledaags gebruiksgemak. Ze stellen dat een uitneembare batterij onmisbaar is op een stadsfiets, maar van secundair belang op een enduro e-mountainbike van dit type.

Wat betreft stijfheid werd het leggen van de carbon lay-up geleid door het concept Tuned Rigidity: de trapas is verstevigd om de krachtoverbrenging te maximaliseren, terwijl de uiteinden van het frame een zekere structurele flexibiliteit behouden. Dit garandeert de nodige vergevingsgezindheid en vervorming voor grip in de bochten. De keuze voor de Avinox-motor en de bijbehorende batterijen – die veel dunner zijn dan die van Bosch – gaf Orbea bovendien meer bewegingsruimte om de stijfheid naar eigen wens aan te passen dan in het verleden.

Wat betreft de robuustheid is het frame geclassificeerd als Category 5 (Built for abuse) en is het voorzien van draaipuntlagers met versterkte afdichtingen, uitgebreide framebeschermers en standaard een Second Skin-beschermfolie.

Achter de schermen legt het merk uit dat ze talloze architectonische pistes hebben getest voordat dit ontwerp werd gekozen. Prototypes met een kinematica die dicht bij die van de Rise ligt – de lichte e-bike van het merk met een demper die horizontaal onder de bovenbuis is geplaatst – zijn langdurig geëvalueerd. Uiteindelijk is Orbea teruggekeerd naar een structuur die dichter bij de Rallon (enduro) en de vorige Wild ligt.

Het openlijke doel is om het zwaartepunt zo laag mogelijk te houden en een maximale standover-hoogte (vrije ruimte boven het frame) te creëren om de bewegingen van de rijder te vergemakkelijken. Tegelijkertijd lost dit een ergonomische puzzel op: het maximaliseren van de insteekdiepte voor telescopische zadelpennen met een lange drop (tot 240 mm in maat L en 210 mm in maat M).

Geometrie: kleine aanpassingen

De geometrie sluit logisch aan bij de trends van de moderne enduro en verandert, op een paar punten na, vrij weinig ten opzichte van de vorige Wild (die al zeer geslaagd was). Zo is de zitbuishoek bijvoorbeeld nog iets rechter geworden (tussen 77,5° en 78°, afhankelijk van de gekozen instelling van de flip-chip). Daarnaast zorgt de balhoofdbuis van 130 mm voor een hoge cockpit (een flinke Stack), gecombineerd met een kortere zitbuis dan in het verleden om plaats te bieden aan zadelpennen met een grotere drop. De reach is vrij lang en bedraagt 480 mm in maat L.

Ander belangrijk punt: de lengte van de liggende achtervork is vastgesteld op 448 mm voor alle maten. Waar de trend momenteel neigt naar meegroeiende achtervorken, verklaart Orbea deze keuze op basis van hun interne tests: “In de configurator van de Rallon, waar twee achtervorklengtes worden aangeboden, laten de statistieken zien dat rijders met een maat XL even vaak voor de korte achtervork kiezen als rijders met een maat S voor de lange achtervork. Het is dus eerder een kwestie van de voorkeur van de rijder dan van pure lichaamsbouw. Omdat de Wild niet zo’n scherpe racegerichte fiets is als de Rallon, hebben we een knoop doorgehakt en staan we erachter om hier één vaste lengte aan te bieden.”

Het bottom bracket is met 7 mm verhoogd ten opzichte van het oude model. In combinatie met ultra-korte traparmen van 155 mm is deze keuze bedoeld om het raken van de grond te beperken tijdens het trappen in technische beklimmingen. Tot slot maakt de ZS56-balhoofdstandaard het mogelijk om de reach met +/-10 mm aan te passen via excentrische cups (beschikbaar in de aftermarket).

De fiets wordt standaard geleverd met 29 inch wielen, maar een specifieke optionele link (die je al bij de aankoop in de MyO-configurator kunt kiezen) maakt het mogelijk om hem om te bouwen naar een mullet-configuratie (27,5″ achterwiel). Deze optie vertegenwoordigt slechts 15 tot 20% van de verkoop, maar ze blijft erg populair bij liefhebbers van het genre en Orbea heeft er dan ook voor gekozen om dit te blijven aanbieden.

Orbea Wild LT RS: versies en prijzen

Alle prestatiegerichte uitvoeringen krijgen de naam Wild LT (M2S-motor in RS-configuratie en 170 mm veerweg), met uitzondering van het aluminium instapmodel. Het MyO-personalisatieprogramma is beschikbaar voor het gehele gamma voor wat betreft de keuze van componenten, terwijl het personaliseren van de lak en kleuren mogelijk is vanaf het M10-model.

De klant heeft bij alle maten de keuze tussen een accupack van 800 Wh en een van 600 Wh (wat een gewichtsbesparing van 900 g aan de voorkant van de fiets oplevert). De 700 Wh-variant is geschrapt, omdat de geometrische vorm ervan geen harmonieuze integratie in de onderbuis toeliet zonder het zwaartepunt nadelig te beïnvloeden.

  • Orbea Wild LT M-LTD RS – € 13.499 (29″) / € 12.699 (Mullet). OMR-carbon frame. Fox 38 Float Factory Grip X2 Kashima-voorvork (170 mm). Fox Float X2 Factory-demper. Sram XX Eagle AXS-aandrijving (10-52t). Sram Maven Ultimate 4-zuigerremmen. Oquo Mountain Control MC32LTD Power-wielen.
  • Orbea Wild LT M-Team RS – € 9.999 (29″ / Mullet). OMR-carbon frame. Fox 38 Float Factory Grip X2 Kashima-voorvork (170 mm). Fox Float X2 Factory-demper. Sram GX Eagle AXS-aandrijving (10-52t). Sram Maven Silver 4-zuigerremmen. Oquo Mountain Control MC32TEAM Power-wielen.
  • Orbea Wild LT M10 – € 8.499 (29″). OMR-carbon frame. Fox 38 Float Factory Grip X2 Kashima-voorvork (170 mm). Fox Float X2 Factory-demper. Shimano XT M8200-aandrijving (10-51t). Shimano XT 8220 4-zuigerremmen. DT Swiss H 1900 Spline 30-wielen.
  • Orbea Wild LT M20 – € 6.999 (29″). OMR-carbon frame. RockShox ZEB Base DebonAir+-voorvork (170 mm). Fox Float X Performance-demper. Shimano Deore-aandrijving (10-51t). Shimano MT420 4-zuigerremmen. Race Face AR 30c-wielen.

De aluminium modellen

  • Orbea Wild LT H-Team – € 7.999 (29″). Hydrogevormd aluminium frame. Fox 38 Float Factory Grip X2 Kashima-voorvork (170 mm). Fox Float X2 Factory-demper. Shimano XT M8200-aandrijving (10-51t). Shimano XT 8220 4-zuigerremmen. Oquo Mountain Control MC32TEAM Power-wielen.
  • Orbea Wild LT H10 – € 6.999 (29″). Hydrogevormd aluminium frame. Fox 38 Float Performance Grip-voorvork (170 mm). Fox Float X Performance-demper. Shimano Deore-aandrijving met XT M8200-achterderailleur (10-51t). Shimano MT620 4-zuigerremmen. DT Swiss H 1900 Spline 30-wielen.
  • Orbea Wild LT H20 – € 5.599 (29″). Hydrogevormd aluminium frame. RockShox ZEB Base DebonAir+-voorvork (170 mm). Fox Float X Performance-demper. Shimano Deore-aandrijving (10-51t). Shimano MT420 4-zuigerremmen. Race Face AR 30c-wielen.

Orbea Wild LT RS: de eerste test

Om te controleren of de gewaagde gok van Orbea en hun op de Avinox-motor toegepaste RS-concept steek houden, hebben we koers gezet naar de Pyreneeën. Op het programma: twee intense dagen mountainbiken in de bergen, en dat op een gevarieerd terrein met meer dan 7000 negatieve en 3500 positieve hoogtemeters om te verslinden. Genoeg om de machine tot het uiterste te drijven en een fiets met vele gezichten te ontdekken.

Vanaf het allereerste begin valt het gedrag van de door Orbea herziene Avinox M2S-motor op. We hoeven er niet omheen te draaien: de brute en soms intimiderende krachtexplosie van het klassieke Avinox-blok is duidelijk merkbaar verdwenen. Maar eerlijk gezegd wen je daar snel aan. Dat oorspronkelijke maximale vermogen is uiteindelijk toch alleen bruikbaar op de weg of op grote, brede en biljartvlakke paden; op technische passages of singletracks die om een fijngevoelige rijstijl vragen, is het juist erg lastig te doseren. En laat dat laatste nu net de twee terreinen zijn waarop de Wild RS wil uitblinken.

Orbea heeft een robuuste mountainbike ontworpen die gemaakt is voor de meest technische trails. Het is geen allemansvriend die ontworpen is om iedereen te plezieren; hij richt zich op avonturiers en rijders die van een uitdaging houden, zowel bergaf als bergop. En het is precies op trial-achtig en zeer technisch terrein dat de subtiliteit van de Spaanse RS-programmering een schot in de roos is. Onmogelijke beklimmingen hielden ons zelden tegen. Zelfs wanneer de ondergrond wegzakt en grip verliest, behoudt de Wild RS een indrukwekkende tractie. De ondersteuning is voorspelbaar, gemakkelijk aan te voelen en geeft het gevoel een direct verlengstuk van de benen van de rijder te zijn.

Het is duidelijk dat deze keuze om voorrang te geven aan subtiliteit boven pure kracht ons erg heeft aangesproken, en we denken dat Orbea hiermee de juiste weg inslaat. Orbea zet hiermee ook de andere intrinsieke kwaliteiten van het Avinox-systeem in de schijnwerpers: de algehele compactheid, de opmerkelijk stille werking en het zuinige verbruik. Tijdens onze lange ritten in de Pyreneeën konden we met ons testmodel, uitgerust met de 800 Wh-batterij, bijna 2000 hoogtemeters overbruggen zonder dat we zuinig hoefden te rijden. Dat smaakt absoluut naar (heel) veel meer.

Dynamisch gezien hebben we hier te maken met een forse endurofiets, die oorspronkelijk is ontwikkeld voor sportieve en veeleisende rijders.

Hoewel de Wild RS op het eerste gezicht misschien indruk maakt met zijn 170/180 mm veerweg en het uiterlijk van een DH-fiets of een Rallon, blijkt hij verrassend gemakkelijk in de omgang en vergevingsgezind op het terrein.

Een van de sleutels tot dit gedrag ligt met name in een subtieler gedoseerde stijfheid dan in het verleden. De fiets is levendig op het terrein, filtert kleine schokken en blijkt minder monolithisch en fysiek veeleisend dan voorheen.

De geometrie, hoewel radicaal op papier, vertaalt zich op de trails in een natuurlijke balans. In de zeer uitdagende secties en op de steile hellingen van de Pyreneeën heeft de fiets ons nooit in de steek gelaten. Hij voelt voorspelbaar aan, nodigt van nature uit tot vlot doorrijden en daagt je uit om in vol vertrouwen je eigen grenzen te verleggen.

De andere grote kracht van deze Wild RS is de gevoelsmatige lichtheid, zowel tijdens het trappen als in de afdaling. Weliswaar geeft de weegschaal iets meer dan 20 kg aan, maar voor een Full Power e-MTB uitgerust met een 800 Wh-batterij is het resultaat op het terrein verbluffend dynamisch.

De fiets laat zich met een verbijsterend gemak besturen. Je trekt hem zo in een bunny-hop, springt moeiteloos van de ene lijn naar de andere en gooit hem met een voor deze categorie zeldzaam plezier door de scherpe bochten. De Wild RS toont zich speels en daagt je uit tot excentriek rijgedrag, daar waar een klassieke e-bike van 25 of 26 kg juist spierkracht en anticipatie zou vereisen om niet door het gewicht te worden geleefd.

Conclusie

Wat ons het meest zal bijblijven van deze eerste testrit in het zadel van de Orbea Wild RS, is hoe raak de gemaakte keuzes zijn. Het Baskische merk heeft niet geprobeerd een allemansvriend te ontwerpen om het grote publiek te behagen, maar heeft er juist voor gekozen om duidelijke technische knopen door te hakken. En in de praktijk moeten we toegeven dat het recept werkt.

Orbea levert hier een uitstekend compromis af: aan de ene kant profiteer je van de veiligheid en het comfort van een grote veerweg, gecombineerd met een behoorlijk verbluffende achtervering die het wiel in ruw terrein letterlijk aan de grond nagelt. Aan de andere kant geniet je van een levendigheid en speelsheid die gewoonlijk zijn voorbehouden aan lichtere fietsen. En bovenal: de keuze voor een bescheiden maximaal vermogen in ruil voor een ultra-reactieve, natuurlijke ondersteuning en een uitzonderlijk strak uitgebalanceerd frame, is wat ons betreft een even effectieve als juiste beslissing.

Meer info via www.orbea.com

Door Olivier Béart