Test | Rotor REX 1.1-crankstel:
de Spanjaard die niet ronddraait

Techniek
27 February 2017 — Olivier Béart

De bekendheid van het Spaanse Rotor is dankzij zijn ovale kettingbladen, een domein waarin Rotor één van de pioniers is, in enkele jaren tijd snel gegroeid. Geleidelijk aan doet het merk zich nu ook opmerken met uit aluminium gefreesde crankstellen, die een aparte look hebben, en standaard trapassen die toelaten om bijna eender welk crankstel, van Rotor of van een ander merk, aan te passen aan bijna eender welk frame. Vojo voerde een duurtest uit met het lichtste model dat over een enkelvoudig kettingblad beschikt, de Rotor REX 1.1. Ziehier onze conclusies:

Rotor_Rex_1_Test_Copyright_OBeart_VojoMag-6De Rotor REX 1.1 is de nieuwste telg van de crankstelfamilie bij Rotor. Met zijn volledig gefreesde traparmen uit 7055 T6-aluminium en zijn aluminium BB30-as bezet het een plaatsje in het topsegment van het merk. De originele constructie van de traparmen verdient het om er even bij stil te staan. De traparmen zijn namelijk in de volledige lengte doorboord met drie lange gaten. Rotor noemt dit het Trinity Drilling System (TDS), dat eerder reeds verscheen op de 3D en 3D+-crankstellen die de REX-familie voorafgingen (je kan dit iets lager duidelijk zien op een foto die de kettingbladen toont).

Rotor_Rex_1_Test_Copyright_OBeart_VojoMag-8Waar de REX 1 gloednieuw is, gaan de 3D en 3D+-modellen voortaan verder onder de namen REX 3 en REX 2. De REX 3 is het instapmodel met een stalen as van 24 millimeter en een prijskaartje van 199 euro. De REX 2 is een gesmeed/gefreesd model met een aluminium as, zoals bij de REX 1, en hij weegt slechts 20 gram meer dan deze laatste. Het verschil in prijs daarentegen is groter: 259 euro voor de REX 2, tegenover 349 euro voor het hier geteste topmodel. Allen zijn ze beschikbaar met een enkelvoudig kettingblad (REX 1.1, 2.1 en 3.1 – waarvan de prijzen hierboven werden beschreven) en een dubbel kettingblad (REX 1.2, 2.2 en 3.2). De REX 3 kan zelfs met een triple geleverd worden. Omdat de ster afneembaar is, hoef je nooit het volledige crankstel te verwisselen als je van het ene naar het andere systeem wil overschakelen.

1-rotor_326595656Idem voor de trapas, want Rotor biedt vele mogelijkheden om de montage van een Rotor REX-crankstel met een as van 30 millimeter mogelijk te maken op vrijwel alle frames van de markt: natuurlijk BB30 en PF30, maar ook met klassieke schroefdraad en PF-BB92. Het is goed om weten dat deze trapassen je ook kunnen helpen bij het oplossen van compatibiliteitsproblemen van bepaalde crankstellen van andere merken op bepaalde frames (bijvoorbeeld bij de montage van een Shimano-crankstel op een PressFit 30-frame). Verderop zullen we zien dat de duurzaamheid van deze trapassen nogal variabel is en deze gaat, afhankelijk van de versie, van uitstekend naar ronduit matig.

Rotor_Rex_1_Test_Copyright_OBeart_VojoMag-9Bij de kettingbladen zien we het onvermijdelijke ovale ontwerp terug dat de reputatie van het merk heeft gemaakt. De theoretische voordelen zijn ondertussen gekend: zo overwin je met deze kettingbladen makkelijker het dode punt, waardoor je minder vermoeid raakt en je hebt een betere grip bergop door het beperken van de haperingen. Ook al bieden meerdere merken nu ovale kettingbladen aan (zoals B-Labs), toch blijft Rotor het enige merk dat een aanpassing in drie posities mogelijk maakt, waarvoor Rotor trouwens een octrooi bezit. Afhankelijk van je gevoel en je voorkeur kan je de positie van het ovale blad wijzigen, en dus ook de trapfase in dewelke het kettingblad je het meeste gaat helpen.

Rotor_Rex_1_Test_Copyright_OBeart_VojoMag-11Op de QX1 voor een enkelvoudig kettingblad vinden we tanden terug van het narrow-wide type. Hierdoor wordt de noodzaak om een kettinggeleider te gebruiken, geëlimineerd. Het narrow-wide type is ook compatibel met een 10- of 11-speed. Opdat Rotor het systeem, dat het mogelijk maakt om het crankstel in drie posities te verschuiven, zou kunnen behouden en een groot panel kettingbladen zou kunnen aanbieden (van 28 tot 36 tanden), ontwikkelde het zijn eigen bevestigingsstandaard. Deze standaard kreeg de naam 76BCD, een standaard waarbij de bouten aan de zijde van de traparm verder uit elkaar staan dan op de tegenoverstaande zijde. Er is ook een Rotor QX1-kettingblad beschikbaar met de vier standaardgaten (104BCD), maar in dat geval heb je enkel de keuze uit 34 of 36 tanden. Verder bestaat er een specifieke versie van het QX1-kettingblad voor het XTR M-9020-crankstel, met naar keuze 32, 34 of 36 tanden. En de Rotor-ster is ook beschikbaar voor Sram-crankstellen met een verwijderbare ster (XX1, XO1, …), Specialized en Cannondale Hollowgram.

Het gewicht van het Rotor REX 1.1-crankstel bevindt zich in de middenmoot. Met 598 gram is de REX 1.1 nauwelijks lichter dan een XTR M9000-crankstel … met een dubbel kettingblad (612 gram), en het Hope-crankstel, dat eerder voor all mountain en enduro bedoeld is dan voor crosscountry. Het REX 1.1 crankstel is 100 gram lichter dan een aluminium Sram X1-crankstel, maar de carbon crankstellen van Sram zijn op hun beurt ook weer lichter: een klassiek X01/XX1-exemplaar is ongeveer 30 gram lichter en het nieuwe XX1 Eagle-crankstel maar liefst 100 gram. Idem voor de Race Face Next SL die, het moet gezegd, records breekt.

Rotor_Rex_1_Test_Copyright_OBeart_VojoMag-7Het moet ook gezegd dat de Rotor niet echt goedkoop is. De traparmen alleen (inclusief ster) kosten al 349 euro, en daar moet je nog 90 euro bijtellen voor een kettingblad naar keuze; 439 euro in totaal dus. Dat brengt ons in de prijsklasse van een Sram Eagle en andere Race Face Next-modellen die dus heel wat lichter zijn. Maar die laatsten zijn wel uit carbon vervaardigd, wat niet iedereen bevalt, en in het bijzonder niet voor de weerstand van dat materiaal tegen impacts. De prijzen van de trapassen zijn redelijker en gaan van 39 tot 65 euro naargelang de gekozen versie met stalen lagers. Er zijn ook exemplaren met keramische lagers beschikbaar, die kosten tussen 99 en 160 euro.

Rotor REX 1.1: de terreintest

Rotor_Rex_1_Test_Copyright_OBeart_VojoMag-16De montage van het crankstel en zijn trapas verliep probleemloos. Dit lijkt vanzelfsprekend, maar dat was in het verleden niet altijd het geval bij Rotor. Zo hadden we al eens te maken met slecht gefreesde onderdelen (geen bouten voor te kleine pedalen, een te grote PressFit-trapas, enz). Het lijkt erop dat het Spaanse merk dit nu gecorrigeerd heeft. Ook het demonteren verloopt vlot. De gebruikshandleiding is zeer duidelijk over de opvulringen die dienen gebruikt te worden (of niet) naargelang het type frame op dewelke je je crankstel en trapas monteert.

Rotor_Rex_1_Test_Copyright_OBeart_VojoMag-15Wij monteerden de Rotor REX 1.1 op een frame met externe lagers en een bracket met schroefdraad. Dit is een betrouwbare oplossing. En omdat we zelf al enkele jaren Rotor ThreadFit 30-trapassen gebruiken, kunnen we de betrouwbaarheid enkel maar bevestigen. We raden echter sterk af om de PressFit30-versies van het merk te gebruiken, want bij die versie zie je duidelijk dat er van binnenuit makkelijk water kan binnendringen. Gelukkig is het crankstel compatibel met eender welke andere PressFit30-trapas.

Rotor_Rex_1_Test_Copyright_OBeart_VojoMag-14Als je ervoor kiest om ovale kettingbladen te monteren, dan moet je steeds rekening houden met wat aanpassingstijd, al duurt dat nooit lang. Bij ons en onze testrijders wende het al na enkele honderden meters. Gedurende enkele minuten voelt het of je vierkant trapt, maar plots worden je benen het gewoon. Als je regelmatig met ovale kettingbladen rijdt, dan vormt terugkeren naar een rond kettingblad geen probleem en als je vaak omwisselt dan verdwijnt de aanpassingstijd die je nodig hebt. We hebben in het verleden al meerdere producten van Rotor getest en we herhalen nogmaals dat we de drie posities hebben getest. En ook hier geeft de middelste positie ons de meest natuurlijke gewaarwordingen. Idem bij onze testers. En ook bij de gebruikers van Rotor-kettingbladen, waarmee we tijdens onze test hebben gesproken, kiest de meerderheid voor deze optie. We kunnen ons dus afvragen of de drie gaten wel echt nodig zijn.

Tijdens technische beklimmingen helpt een kettingblad als de Rotor QX1 opdat je niet zou wegschuiven op obstakels

Het is moeilijk te zeggen of we minder moe worden of dat we sneller rijden met ovale kettingbladen, maar het is wel duidelijk dat het een aangenaam gevoel geeft, en er zijn omstandigheden waarin we onbetwistbaar een inbreng voelden. Dat is met name het geval tijdens technische beklimmingen, waar een Rotor QX1-kettingblad helpt bij het nemen van obstakels en vermijdt dat je wegschuift wanneer de grip precair is. Die grip is veel constanter aanwezig, en vooral tijdens een endurotocht waardeerden we dit enorm. Dat is trouwens één van de zaken die we hebben geleerd uit deze test: we zien deze kettingbladen veel in crosscountry en marathons, maar het is pas in enduro en op zeer technisch terrein dat we echt de voordelen hebben gevoeld.

Rotor_Rex_1_Test_Copyright_OBeart_VojoMag-12Ook voor de Rotor REX-traparmen is de balans positief. De stijfheid konden we niet op een tekortkoming betrappen, en ondanks een duurtest bij vaak modderige omstandigheden, doorstond de zeer mooie zwarte anodisatie de zware schurende omstandigheden met verve. We zagen al eerder bij Rotor-crankstellen die meerdere jaren oud waren, en dus ook slijtage toonden, dat de algemene look van die crankstellen goed blijft. Merken als Shimano zouden er een voorbeeld aan moeten nemen, want zij hebben momenteel een probleem op dit vlak.

Rotor_Rex_1_Test_Copyright_OBeart_VojoMag-18Nadat we er ongeveer 500 kilometer mee gereden hebben, zien we trouwens maar een beperkte slijtage van de tanden van het kettingblad. Toen we de traparmen in het begin ronddraaiden op de werkstandaard in onze werkplaats, haperden de tanden een beetje door de nieuwe ketting en het nieuwe kettingblad, maar eens op het terrein werkt alles perfect door de spanning die er op komt te staan. Verder rodeert alles ook snel, en de ketting viel er niet ongevraagd af bij de minste schok. Toch zouden we voor een discipline als enduro aanraden om een kettinggeleider te plaatsen. Je moet vanwege het ovale kettingblad gewoon zeer aandachtig zijn bij de keuze van het model, maar als je een model kiest waarbij de afstand tot de grond groot genoeg is, dan is er geen probleem.

Verdict:

Origineel, goed afgewerkt … het Rotor REX 1.1-crankstel is dan ook een mooi object dat diegene die graag zijn fiets uitrust met originele stukken, en gevoelig is voor het label made in Spain, niet zal teleurstellen. Dat gezegd hebbende, is de verhouding gewicht/prijs niet meteen gunstig, en ondanks zijn kwaliteiten bestaat de kans dat veel toekomstige klanten toch eerder zullen kiezen voor een lichter carbon model dat nauwelijks duurder is. We vinden het echter leuk om met een ovaal kettingblad rond te rijden en we denken er dan ook aan om het kettingblad op onze fiets te laten staan voor een all mountain en licht enduro gebruik. We onderlijnen ook nog eens de duurzaamheid van de onderdelen, zoals deze van de trapas met externe lagers en de afwerking van de traparmen. We kunnen dan ook spreken van een duurzame aankoop, omdat het Rotor REX-crankstel ontworpen is om gemonteerd te worden in combinatie met meerdere types van lagers en op verschillende frames. De kans is dan ook groot dat je het onderdeel kan behouden en overzetten op je volgende fiets. Al hadden we graag gezien dat we ook de as van de traparm zouden kunnen demonteren zodat we, zoals bij Race Face of Cannondale met de Hollogram, het crankstel ook op een fatbike zouden kunnen monteren, of in combinatie met een nieuwe standaard die binnenkort misschien het daglicht ziet en die misschien assen van een grotere lengte vraagt.

Meer info op de website van Rotor.