Dossier | Gravelbanden in 50, 55 en 60 mm: hoe breder, hoe beter… Klopt dat?

Door Olivier Béart -

  • Staff pick

  • Techniek

Dossier | Gravelbanden in 50, 55 en 60 mm: hoe breder, hoe beter… Klopt dat?

Fietsbanden worden overal breder, van de racefiets tot de XC-mountainbike, en gravel is daarop geen uitzondering! Waar we begonnen met gravelbanden van 35, 38 of 40 mm, is 45 mm inmiddels de nieuwe standaard geworden. Tegenwoordig zien we zelfs steeds meer gravelbanden van 50, 55 en zelfs 60 mm verschijnen. Is breder ook echt beter op elk vlak? En geldt dat voor iedereen, van prof tot amateur? Vojo nam de proef op de som en deed de test!

Bij het ontstaan ervan, zo’n tien jaar geleden, waren gravelbikes nog sterk verwant aan de wegfiets en de cyclocrosser. En de frames die van deze twee disciplines waren afgeleid, waren in het beste geval ook nog niet geschikt voor banden met een breedte van meer dan 35 of 40 mm. Vervolgens begonnen enkele merken en wedstrijdrijders gravelbikes te ontwerpen en te berijden die ruimte boden aan bredere banden. Inmiddels is de situatie veranderd: een breedte van 45 mm lijkt de norm te zijn geworden, maar we zien nu ook banden van 50, 55 of zelfs 60 mm op de markt verschijnen. Uitgedrukt in inches is dat respectievelijk 1.95, 2.15 of 2.35 inch.

Maar heeft dit ook zin? Wat zijn de voor- en nadelen? Waar moet je op letten bij de montage als je kiest voor brede banden voor je gravelbike? Kun je ze op alle fietsen en alle velgen monteren? En welke verschillen zijn er dan nog met mountainbikebanden?

Om antwoord te geven op al deze vragen, hebben we de Schwalbe RS- en RX-gravelbanden getest. Deze serie is, naast de 45 mm-versie die we al eerder hebben getest en die als referentie diende, nu ook verkrijgbaar in 50, 55 en 60 mm. Laten we dit samen eens onder de loep nemen!

Wat zijn de voordelen van bredere banden bij het gravelbiken?

Als het gaat om de voordelen hebben we er vier belangrijke geïdentificeerd:

Comfort

Met een bredere band heb je meer luchtvolume, en dus een band met meer dempingsvermogen. Het is een beetje alsof je de veerweg van een verende voorvork vergroot … en aangezien je bij gravelbiken (over het algemeen) alleen de banden hebt om de oneffenheden van het terrein op te vangen, is dat des te belangrijker.

En dat geldt des te meer omdat je de druk iets kunt verlagen (volgens ons met -0,1 tot -0,15 bar per 5 mm extra bandbreedte) zonder het risico dat de band te snel op de velg slaat en lekraakt. En een lagere bandendruk betekent natuurlijk ook meer comfort. Een soort opwaartse spiraal, om het zo maar te zeggen.

Uiteindelijk voel je de trillingen van de ondergrond duidelijk minder, ligt de fiets stabieler en raakt de fietser minder snel vermoeid. En comfort is niet alleen iets aangenaams waarmee je meer van je ritten kunt genieten: het is ook een prestatiefactor, omdat het je in staat stelt om langer snel te blijven rijden.

Grip

Bij een gelijk profiel bieden gravelbanden met een grotere breedte meer contact met de grond en kunnen ze gemakkelijker vervormen over oneffenheden om deze beter te omsluiten en er grip op te krijgen.

Aan de voorkant krijg je een band die zorgt voor meer zijdelingse grip in de bochten, vooral op een onrustige of hobbelige ondergrond. Op vlakkere en hardere paden is het voordeel minder uitgesproken, maar er hoeft maar wat stof of verraderlijk grind te liggen om meteen het vertrouwen te voelen dat bredere banden bieden. Over het geheel genomen lever je nergens op in, terwijl je regelmatig merkt dat je er met grotere banden op vooruitgaat.

Bij het achterwiel zorgt dit voor een betere grip, zowel tijdens het accelereren als bij het remmen. Je vermogen wordt beter overgebracht op de grond, vooral als je op vrij ruig en los terrein rijdt. Hetzelfde geldt voor het remmen, waarbij de remweg korter wordt.

Veiligheid

We hebben het net gehad over betere remprestaties en zijdelingse grip, wat belangrijke veiligheidsfactoren zijn, maar bredere banden zorgen er ook voor dat je veel minder het gevoel hebt tegen obstakels aan te ‘botsen’. Dit vergroot het gevoel van veiligheid tijdens het gravelen aanzienlijk.

En dat is niet zomaar een gevoel: waar je met smalle banden nog moet oppassen voor elk kuiltje, elke boomwortel of de minste steen van betekenis, kun je er met dikkere banden veel resoluter tegenaan gaan. Niet alleen omdat de kans op een lekke band kleiner is, maar vooral ook omdat je veel minder risico loopt om abrupt door een obstakel tot stilstand te worden gebracht en over je stuur te vliegen. Dit is volgens ons een van de belangrijkste voordelen, en dat hebben we tijdens onze test dan ook het duidelijkst gemerkt. Met dikkere banden rijd je met meer vertrouwen en meer ontspannen. Wat er, nogmaals, voor zorgt dat je meer kunt genieten én beter presteert.

Tot slot is bij eenzelfde bandenmodel het risico op een lekke band kleiner met een grotere breedte. Dankzij het grotere volume beperk je immers aanzienlijk het risico dat de band op een obstakel tegen de velg slaat en lek stoot (om nog maar te zwijgen van de mogelijke schade aan de velg zelf).

Rendement

Dit laatste punt is misschien verrassend, maar het is wel degelijk waar: alle tests op de testbank of in de praktijk tonen aan dat, bij een gelijk profiel, bredere banden doorgaans een lagere rolweerstand hebben.

De wetenschap leert ons dat, bij een gelijke druk, een brede band en een smalle band exact hetzelfde contactoppervlak met de grond hebben (omdat dit oppervlak uitsluitend afhangt van de belasting en de bandenspanning). De vorm van deze voetafdruk (de ‘contact patch’) is echter totaal verschillend:

  • Smalle band: Het contactoppervlak is lang en smal. Om dit langgerekte oppervlak te verkrijgen, moet de band over de omtrek sterk vervormen.
  • Brede band: Het contactoppervlak is kort en breed. De band vervormt veel minder in de lengterichting om dezelfde belasting te dragen.

Waarom vermindert dit de weerstand? Simpelweg omdat er telkens wanneer het karkas van de band tijdens het rijden vervormt en weer herstelt, energie verloren gaat in de vorm van warmte. Dit fenomeen staat bekend als hystereseverlies. Omdat een brede band een minder diepe longitudinale vervorming ondergaat, verspilt deze minder energie. Bij een gelijke bandenspanning rolt hij dus sneller.

Als we dit vertalen naar het terrein en onze gravelpaden, komt er een tweede, nog belangrijkere factor om de hoek kijken: impedantieverliezen. Op een ruwe ondergrond werkt elke kleine oneffenheid (grind, boomwortels, imperfecties) als een micro-obstakel.

  • Een smallere band met een hogere bandenspanning is per definitie stijver. Bij de minste impact worden de hele fiets en de fietser omhoog geduwd. Deze verticale energie wordt rechtstreeks onttrokken aan de kinetische energie (de voorwaartse snelheid). En niet te vergeten: al die microtrillingen vermoeien de fietser.
  • Een brede band die op een aanzienlijk lagere druk kan worden opgepompt zonder het risico de velg te raken, zal zich om het obstakel heen vervormen. Het obstakel wordt geabsorbeerd door het karkas, terwijl de fiets en de fietser hun horizontale lijn behouden zonder te worden afgeremd.

In de praktijk stellen we inderdaad hogere gemiddelde snelheden vast, die bovendien makkelijker worden bereikt. Dat is meetbaar … en ook direct voelbaar in de vorm van een bijzonder aangename snelheidssensatie, vooral op het vlakke en bij een hoge cadans op hobbelig terrein.

Bij bredere banden neemt niet alleen de breedte toe, ook de buitendiameter van de band wordt iets groter. Hierdoor rol je net wat makkelijker over obstakels heen, wat niet alleen zorgt voor meer comfort, maar ook dat je eenvoudiger je snelheid behoudt. Dit doet een beetje denken aan wat we hebben ervaren met de 32-inch wielen (zie onze test), waarbij brede banden het gevoel geven dat je op ’30 inch’ rijdt, zonder dat de diameter van de velg is veranderd.

Wat zijn de nadelen van bredere banden op een gravelbike?

Hoewel de voordelen zeer talrijk en direct merkbaar zijn, mogen we een aantal negatieve punten om rekening mee te houden niet uit het oog verliezen.

Het gewicht

Het is onvermijdelijk: bredere banden zijn ook zwaarder. Bij een gelijkblijvend profiel stelden we gemiddeld de volgende gewichtsverschillen vast:

  • +100 g bij de overstap van 45 naar 50 mm

  • Nog eens +50 g om naar 55 mm te gaan

  • Opnieuw +50 g extra voor de 60 mm-band (die aftikt op maar liefst 750 g voor de Schwalbe RS)

Dit extra gewicht is duidelijk een nadeel bij het accelereren, het weer op gang komen na een bocht, en op steile hellingen. Aan de andere kant: zodra de snelheid toeneemt, werkt de grotere inertie van de zwaardere banden juist in je voordeel, waardoor je jouw snelheid makkelijker vasthoudt. Kortom, het is een nadeel, maar wel een dat je moet relativeren naargelang het terrein waarop je rijdt.

De aerodynamica

Dit is eigenlijk alleen een belangrijk punt voor wedstrijdrijders en sportievere fietsers, maar het is onmiskenbaar dat bredere banden minder aerodynamisch zijn. Toch zien we steeds meer ‘race’-gravelbikes die ontworpen zijn voor brede banden en die dit aspect meenemen in hun totale aerodynamica, waardoor dit nadeel wordt beperkt. Een nadeel dat trouwens sowieso pas echt merkbaar wordt als je sneller dan 30 km/u rijdt.

De modderafvoer en de grip in de modder

Met grotere banden moet je er rekening mee houden dat de bandenspeling bij het frame kleiner wordt (hier komen we zo nog op terug) en dat je dus de kans op het ophopen van plakkerige modder vergroot. Dit komt niet heel vaak voor (bij vloeibare modder heb je dit probleem veel minder), maar het is wel iets om in het achterhoofd te houden. In de winter is het waarschijnlijk verstandig om terug te vallen op smallere maten, van 45 of zelfs 40 mm, en te kiezen voor banden met meer noppen.

Waar een bredere band over obstakels heen rolt en meer aan de oppervlakte van een modderige zone blijft, dringt een smalle band juist door de zachte laag heen om grip te zoeken op de hardere laag daaronder. Met brede banden kun je in de modder dus een vaag gevoel ervaren. Je zult dan moeten overstappen op smallere banden om de precisie terug te krijgen, dankzij een betere indringing in zeer zachte ondergronden.

Wat is nu de ideale bandenmaat om te gravelen?

In onze ogen geldt de 45 mm tegenwoordig als het absolute minimum. We hebben onze tests van de grotere breedtes overigens vanaf die basis uitgevoerd. De 50 mm is een interessante eerste stap, maar pas bij de gravelband van 55 mm merkten we de meest duidelijke vooruitgang op alle punten die we hierboven hebben genoemd (comfort, grip, veiligheid en rendement).

Aan de andere kant leek de overstap van 55 naar 60 mm ons geen doorslaggevend voordeel op te leveren, tenminste niet op een klassieke fiets en bij gemengd gebruik. Als je daarentegen op zeer ruw terrein rijdt, of op een zwaardere elektrische gravelbike, of aan bikepacking doet met een zwaar bepakte fiets, kan overstappen naar 60 mm wel zinvol zijn.

Hoe dan ook, als je eenmaal hebt geproefd van gravelbanden van 50 mm en al helemaal van 55 mm, is het heel moeilijk om nog terug te gaan – of zelfs ronduit onmogelijk – omdat de voordelen zo talrijk, overduidelijk en direct merkbaar zijn. Ons advies is dan ook: aarzel geen seconde om over te stappen op bredere banden! Tenminste, als je fiets dat toelaat …

Kan je brede banden monteren op eender welke gravelbike?

Welnu, het antwoord is helaas: nee! Dit is juist de grootste beperkende factor. Want hoewel gravelbanden van 50 mm en vooral 55 mm in onze ogen veel voordelen bieden, passen ze helaas niet in alle frames en voorvorken, vooral niet in de oudere. Bij de allernieuwste fietsen hebben veel fabrikanten de voordelen van bredere banden inmiddels begrepen. En hoewel ze ze nog niet allemaal standaard monteren (vooral om dankzij smallere banden een lager gewicht op de technische fiche te kunnen zetten), ontwerpen ze wel degelijk steeds vaker fietsen die geschikt zijn voor banden van 50 of zelfs 55 mm.

Boven de 50 of 55 mm stuit je op een geometrische ontwerplimiet en kom je uit bij zogenaamde ‘monster gravelbikes’. Deze maken gebruik van wielen met naven in het Boost MTB-formaat (110 mm breed aan de voorzijde en 148 mm aan de achterzijde, in vergelijking met 100 en 142 mm bij klassieke gravelbikes). Deze verbreding van de naven is essentieel om meer bandenspeling te bieden, terwijl de liggende achtervork kort kan blijven. Daarnaast is het goed om te weten dat elektrische gravelbikes en gravelbikes die meer gericht zijn op avontuur/bikepacking vaak gemakkelijker bredere banden toelaten.

Dus controleer voordat je nieuwe, bredere banden koopt altijd op de website van de fabrikant van je fiets wat de officieel maximaal toegestane bandenmaat is. Op basis van dat getal heb je vervolgens zeer waarschijnlijk wel wat speling; fabrikanten willen namelijk geen enkel risico nemen en houden zich aan strikte marges voor de bandenspeling. Je kunt daarentegen op eigen verantwoordelijkheid besluiten om banden te testen die een paar millimeter breder zijn, en kijken of het past.

Als je de kans krijgt, test dan specifiek het model band dat je op het oog hebt. Eenmaal gemonteerd vallen ze namelijk niet allemaal even breed uit, en sommige modellen hebben grotere of meer uitstekende zijnoppen. Op onze Orbea Terra-testfiets bijvoorbeeld mag officieel maximaal 50 mm gemonteerd worden, maar we monteerden de Schwalbe-banden in 55 mm zonder problemen, al blijft er aan de achterkant wel erg weinig ruimte over.

Let er ook op dat de bandenspeling van de voorvork vaak groter is dan die van het frame. Je kunt er dus prima voor kiezen om vooraan een iets bredere band te monteren (bijvoorbeeld een 50 mm-band vooraan met een 45 mm achteraan, of een 55 mm vooraan en een 50 mm achteraan). Hierdoor profiteer je al van de voordelen van een bredere voorband, wat heel logisch is met het oog op comfort en veiligheid (een beetje zoals een ‘mullet’-opstelling waarbij een 29 inch-voorwiel wordt gecombineerd met een 27,5 inch-achterwiel, maar in dit geval in een ‘mini-versie’).

Tot slot nog een laatste advies: hoewel je er tot nu toe misschien niet echt over hebt nagedacht, is het bij de aanschaf van je volgende gravelbike heel belangrijk om te letten op de maximale bandbreedte die de fiets aankan. Kies een model dat geschikt is voor banden van minstens 50 mm, of idealiter zelfs 55 mm.

Wat met de wielen/velgen?

Naast het frame is het ook belangrijk om na te denken over de wielen en vooral de velgen waarop je bredere banden gaat monteren. Over het algemeen is het beter om geen banden van 50 mm of breder te monteren op velgen met een interne breedte van minder dan 25 mm, om een consistent rijgedrag te behouden. Maar dat komt goed uit: de meeste moderne gravelvelgen hebben minstens die breedte.

We zien ook steeds meer gravelwielen verschijnen met zeer brede velgen van 30 mm en meer. Deze zijn perfect geschikt voor bredere banden, en we raden het dan ook ten zeerste af om ze te combineren met te smalle banden (minder dan 45 mm is absoluut af te raden). Over het algemeen hebben we tijdens deze test ook gemerkt dat bredere banden (50 mm en meer) makkelijker op de velgen te monteren zijn (ze ploppen bijvoorbeeld makkelijker vast bij een tubeless-montage).

Wat is nu eigenlijk nog het verschil tussen brede gravelbanden en mountainbikebanden?

Dit is natuurlijk een vraag die je je kunt stellen, en de eerste gravelrijders die wilden experimenteren met brede banden … gebruikten mountainbikebanden (de diameter van de velg is immers identiek). Maar ze gebruikten niet zomaar de eerste de beste MTB-banden: ze kozen voor extreem snel rollende modellen, zoals de hier afgebeelde Schwalbe Thunder Burt, de Maxxis Aspen ST of de Hutchinson Python Race.

De Schwalbe Thunder Burt is duidelijk een extreme MTB-band, die nog maar heel weinig rijders in het ‘echte’ mountainbiken gebruiken, behalve op zeer snelle parcoursen of tijdens een shorttrack. Je kunt dus wel zeggen dat er een overlap is tussen gravel- en mountainbikebanden, maar die is vrij klein en houdt snel op, precies waar de XC-banden met iets meer noppen beginnen. Daar zijn verschillende redenen voor. De eerste is de lage rolweerstand waar je bij het gravelen in de eerste plaats naar zoekt, terwijl bij het mountainbiken grip juist hoger op de prioriteitenlijst staat, zelfs bij XC.

Over het algemeen zal een gravelband, bij een gelijke breedte, toch de neiging hebben om een sneller rollend profiel te hebben dan een XC-band. Daarnaast heeft hij een lagere rolweerstand, zijnoppen met een vloeiendere overgang en een soepeler karkas. Kortom, het is duidelijk dat niet alleen de breedte telt. Het profiel, het type karkas en de constructie van de band spelen immers ook een cruciale rol. Verder houdt niets je tegen om gravelbanden op een mountainbike te monteren of andersom, zolang er maar genoeg ruimte is in het frame.

Conclusie

Deze test gaf ons de kans om te zien dat gravelbanden met een breedte van 50 mm en, nog meer, 55 mm in de praktijk enorme voordelen bieden op het gebied van comfort, grip, veiligheid en zelfs rendement. De 60 mm-variant lijkt ons minder nuttig, maar bij de 50 en 55 mm hadden we zulke grote verschillen simpelweg niet verwacht. We waren echt onder de indruk, omdat de voordelen de nadelen zo sterk overtreffen. Zózeer zelfs dat er voor ons geen sprake meer van is om ooit nog terug te gaan naar smallere banden. Helaas zijn er momenteel nog te weinig gravelbikes die geschikt zijn voor banden van 50 of laat staan 55 mm. In afwachting raden we je echter ten zeerste aan om de breedst mogelijke banden te monteren die je frame en velgen toelaten. Je zult zien dat je er absoluut geen spijt van krijgt; het blijft namelijk een van de eenvoudigste en meest effectieve manieren om je fiets op tal van punten te upgraden.

Meer info over de gravelbanden van Schwalbe via www.schwalbe.com

Door Olivier Béart