Test nieuw | Orbea Oiz 2023: 120 millimeter of niks!

Techniek
3 November 2022 — Olivier Béart

Weet je nog toen Orbea in 2018 als een der eerste merken uitpakte met twee versies van zijn XC-fiets, de Orbea Oiz? Die versies kwamen met een veerweg van 100 of 120 millimeter. Tegenwoordig is dit frame nog steeds een van de meest prominente voor XC-/marathongebruik. En toch vond Orbea het nuttig om hem een update te geven door een paar cruciale punten te veranderen, zonder dit vlaggenschip uit de collectie helemaal overhoop te gooien. Ziehier de Orbea Oiz vintage 2023 waar we al een eerste testrit mee mochten maken en waarvan we hieronder alle details met je delen.

De Orbea Oiz is een van de bestsellers van het Baskische merk. De renners van het KMC-Orbea team, waaronder de Belg Pierre de Froidmont, maken er dankbaar gebruik van in het mondiale XC-circuit en de Duitsers van Speed ​​Company Racing reden eerder dit jaar met hem naar de eindwinst in de Cape Epic. De fiets heeft dus niets meer te bewijzen. En hij wist ondertussen ook al een groot aantal MTB-liefhebbers in onze contreien te verleiden. Voor Orbea staat er dan ook heel wat op het spel door de Oiz te vernieuwen! Zijn look mag dan wel nauwelijks veranderd zijn, toch heeft de Oiz 2023 enkele fundamentele veranderingen ondergaan.

Voordat we tot de kern van de zaak komen, nog een kort woord over de context: het is in de regio rond Bilbao, het bolwerk van Orbea, dat we met de vernieuwde en gemoderniseerde versie van de Orbea Oiz kennismaken. Net zoals bij ons laatste bezoek drie jaar geleden, maakten we ook nu een ​​korte rondleiding door de fabriek in Mallabia en net als toen waren we ook nu weer onder de indruk van de expansie. Ter herinnering: Orbea is een coöperatie en een van haar basismissies is juist om lokale werkgelegenheid te creëren. En dat lukt aardig, want de dag van vandaag zijn er meer dan 900 mensen tewerkgesteld, bijna twee keer zoveel als tijdens ons laatste bezoek. Opvallend, de gloednieuwe assemblagelijnen van deze volledig gereorganiseerde fabriek worden bevolkt door veel jonge mensen.

Tot daar de intro, tijd nu voor de gedetailleerde presentatie van deze nieuwe Orbea Oiz.

120 millimeter voor iedereen!

Tijdens de presentatie van de vorige versie was Orbea een voorloper door twee versies met een verschillende veerweg – 100 en 120 millimeter – aan te bieden op basis van hetzelfde frame. Tijdens onze testritten gaven we meteen de voorkeur aan de veelzijdigere 120 millimeter-configuratie die ook op technisch terrein makkelijker te hanteren viel, zonder iets in te boeten aan prestaties. Beetje bij beetje ziet het ernaar uit dat deze veerweg de nieuwe standaard wordt, zowel bij de profs als bij de liefhebbers. Met als gevolg dat de nieuwe versie van de Orbea Oiz enkel nog met een veerweg van 120 millimeter verkrijgbaar is.

Exit dus voor de XC- en TR-versies, voortaan is er nog slechts één Orbea Oiz. Een logische ontwikkeling, want zowel de renners van het team als heel wat klanten opteerden voor deze keuze. Naast de keuze om nog slechts één veerweg aan te bieden, heeft Orbea veel gewerkt aan het optimaliseren van de ophanging van deze nieuwe versie.

Zo onderging de blokkering met drie standen, die in het begin niet aanwezig was op de vorige generatie en die een jaar na de lancering als upgrade arriveerde, een evolutie. De besturing zelf is niet veranderd, net zomin als de zeer directe geleiding van de vergrendelingskabel naar de demper om een ​​grote flexibiliteit in de bediening te bieden. Orbea heeft dit systeem gepatenteerd, waaronder ook de verplaatsing van de rebound-instelknop naar de onderkant van de Fox Float-demper, zodat deze perfect toegankelijk blijft (bij een conventionele demper bevindt deze zich op dezelfde plaats als de lockout en dus zou deze hier praktisch ontoegankelijk zijn omdat dit deel in de bovenbuis verstopt zit).

Het is de afstelling van de hydraulica van de ophanging die is herwerkt, waarbij de tussenpositie alle aandacht kreeg. Het verschil is nu meer uitgesproken in vergelijking met de open positie en het kan worden beschouwd als een echte tussenpositie, bedoeld om het beste compromis te bieden tussen tractie en rendement op technische singletracks en moeilijke beklimmingen.

De open stand biedt meer steun dan voorheen in het midden en einde van de slag. Orbea gebruikte de extra veerweg om de gevoeligheid dicht bij die van de oude TR te houden om een ​​goed gevoel van comfort te bieden, voordat hij overgaat op een stevigere compressie dan voorheen voor een ​​responsievere werking, wat doet denken aan de oude XC-versie met 100 millimeter veerweg. In de ‘gesloten’ positie is de vering bijna volledig geblokkeerd, een positie die voorbehouden is voor de meest rollende porties.

Vooraan rekent het hele gamma op de Fox F34SC, ook met 120 millimeter veerweg en drie standen, die perfect in harmonie is met de achterkant. Op de Orbea Components (OC)-bediening werd bovenop het stuur ook de bediening van de telescopische zadelpen geïntegreerd.

Op het frame zelf zien we dat de link lichtjes is gewijzigd. Op de topmodellen is deze uit carbon, op de rest van het gamma uit aluminium. Er werd aan de vorm gewerkt om de verhouding tussen gewicht en stijfheid te optimaliseren. De verankering in het frame wijzigde ook, met bredere wanden aan de zijkanten in vergelijking met de vorige versie.

Een stijver en verfijnder frame


De stijfheid, het woord is eruit. Indien er één punt was waarop de vorige Orbea Oiz zou kunnen verbeteren, dan was het wel op dit niveau. Niet dat het zo catastrofaal was, maar grotere bikers konden net zoals op bepaalde soorten terrein kleine parasitaire reacties voelen. Orbea heeft daarom aan de achterste driehoek geschaafd met als doel dit punt te verbeteren.

De staande achtervork en hun verbinding met de link is een van de plaatsen waar de evolutie het meest zichtbaar is. Dit deel is bijna verdubbeld in volume en voornamelijk breder geworden. Hierdoor kon men ook grotere lagers gebruiken, met twee rijen kogels.

Op het onderste deel, ter hoogte van het hoofdscharnierpunt, werd de lengte van de as groter net zoals de maat van de lagers. Tussen de armen van de achterbrug en het frame zitten extra U-afdichtingen die in dit gevoelige gebied voor een extra afdichtingslaag moeten zorgen. Tussen de versterkte brug van de liggende achtervork en het bottom bracket zit een schuimlaag ter bescherming. We zullen in het terrein zien dat deze ontwikkelingen zeer relevant zijn en dat Orbea de Oiz zeer intelligent heeft herwerkt op het punt van stijfheid.

Deze verschillende aanpassingen maken het ook mogelijk om de levensduur van de lagers te verbeteren en onderhoudswerkzaamheden te vergemakkelijken. Orbea heeft ook nagedacht over de doorvoer van de kabels en leidingen in het frame, zodat alles op een natuurlijke manier van onder naar boven door het frame wordt geleid, wederom om het leven van de monteurs gemakkelijker te maken. We merken ook de aanwezigheid van een bottom bracket met schroefdraad op. Achteraan zien we op de OMX-versie een Flat Mount bevestiging voor de rem.

Vooraan surft Orbea mee op de trend om de kabels door de headset in het frame te laten verdwijnen. Maar het merk heeft zijn eigen systeem ontworpen om enerzijds bij onderhoud alles zo makkelijk mogelijk te kunnen vervangen, en anderzijds om de headset uit te rusten met een vergrendelingssysteem om te voorkomen dat het stuur de bovenbuis raakt in het geval van een crash.

Om de frequentie van onderhoud te beperken, koos men voor een zeer hoogwaardige inox bovenlager die een aanzienlijk langere levensduur garandeert dan die van een conventioneel lager. Zo voorkom je dat je de leidingen te regelmatig moet verwijderen en de achterrem te vaak moet loskoppelen om deze te vervangen (we hebben het over een levensduur van meerdere jaren).

Op elkaar afgestemde wielen en onderdelen

Orbea heeft ook een eigen cockpit ontwikkeld. Niet uit één stuk carbon zoals bij sommige concurrenten, maar door een carbon stuur te koppelen met een aluminium stuurpen om, volgens het merk, meer instelmogelijkheden te behouden zonder al te veel extra gewicht. De in eigen huis gefabriceerde stuurpen, met een strak design, maakt het mogelijk om zowel de kabels visueel in de zijkanten te integreren als om het vergrendelingssysteem aan boord te nemen. Indien gewenst kan je deze set ook vervangen door een ander standaardmodel. Dit laatste is misschien wat minder esthetisch en je verliest de bescherming van de bovenbuis, maar technisch gezien houdt niets dit tegen.

De Oquo-wielen (lees: Presentatie & eerste test | Oquo: wanneer Orbea zich op het wiel stort) maken hun opwachting op de meeste modellen in het high-end en middensegment. Beide merken zijn nauw met elkaar verbonden, ook al gaat het om twee aparte structuren, en dus is de filosofie achter de Oquo-wielen vergelijkbaar met die achter de Oiz.

Gewicht: nog steeds bij de lichtste frames

Gezien de aanpassingen die gericht zijn op het verbeteren van de stijfheid en het onderhoudsgemak van de fiets, en gezien het feit dat de vorige Orbea Oiz nog steeds een van de lichtste frames op de markt is met een aangekondigd gewicht van 1750 gram in de OMX-versie, bestond de uitdaging eruit om met deze nieuwkomer op hetzelfde niveau te blijven. En daar is Orbea met glans in geslaagd, te oordelen naar het gewicht van 1740 gram dat op de weegschaal wordt weergegeven door het nieuwe kale frame (zonder balhoofd of achterwielas).

Afgezien van de Specialized Epic Evo en een paar limited editions, blijft de Oiz daarmee in de top van het klassement meedraaien van lichtste frames op de markt. Let op: de gekozen lak kan ervoor zorgen dat het gewicht met ongeveer 70 gram varieert tussen een verniste versie waarvan de vezels grotendeels zichtbaar blijven en een volledig glanzend gelakte versie. Dankzij het MyO-programma, waarmee je de kleur van je fiets volledig kunt aanpassen, is de keuze altijd aan de klant. Merk op dat dit het gewicht is van de high-end versie van het frame, in OMX-vezels. Het OMR-frame is zwaarder, maar wordt ook aangekondigd onder de grens van 2 kilogram.

Een complete fiets van het topmodel klokt stipt op 10 kilogram af.

Geometrie: de evolutie gaat verder

De geometrie is een punt waarop de nieuwe Orbea Oiz 2023 sterk evolueert. Na de feedback van de teamrijders begon Orbea onderzoek te doen door verschillende aluminium prototypes te bouwen om verschillende opties te testen. Het is weinig verrassend dat men op zoek is gegaan naar een langer frame met een langere reach en een vlakkere balhoofdhoek en rechtere zitbuishoek.

Dit leverde een reach op van 450 millimeter (medium), wat bijna even lang is als de reach van de large bij de vorige generatie van de Oiz. De balhoofdhoek gaat van 69 naar 67 graden en de zitbuishoek van 75 naar 76,7 graden. De liggende achtervork blijft met 432 millimeter aan de zeer korte kant, maar daar kon de vorige generatie een vergelijkbare afmeting voorleggen (430 millimeter).

Met zulke afmetingen behoort de nieuwe Orbea Oiz tot de meest radicale frames op de markt … Tijdens de terreintest zullen we zien dat dit hem niet minder toegankelijk maakt of moeilijker te besturen, integendeel! Er zijn vier maten beschikbaar.

Twee carbon frames en één aluminium instapmodel

Orbea komt van meet af aan met een volledig vernieuwd assortiment. Twee carbon en één aluminium frame staan ​​op het programma, met de keuze uit maar liefst 11 montages. Aan de bovenkant van het assortiment is er het OMX-frame, met de meest hoogwaardige vezels van het merk, die we hierboven voor je hebben beschreven.

Dit frame komt in aanmerking voor het MyO-personalisatieprogramma waardoor je zelf de kleuren van je frame kan kiezen. Hier zie je een (kleine) selectie van mogelijke eindresultaten.

Dan komt de OMR-versie, met iets minder high-end vezels en een aluminium link. Het gewicht van dit frame is ongeveer 200 gram zwaarder, maar we blijven onder de grens van 2 kilogram. Er staan ​​drie kleuren op het programma en er is geen MyO-programma mogelijk op deze versie.

De Orbea Oiz Hydro is opgebouwd rond een aluminium frame dat zwaarder is (het gewicht werd niet gecommuniceerd) maar een bijzonder nette uitstraling heeft, met name dankzij perfect onzichtbare lasnaden. Van een afstand is het moeilijk hem te onderscheiden van de carbon uitvoering! Qua geometrie zijn de afmetingen, afgezien van de 4 millimeter langere liggende achtervork, over het algemeen identiek aan de high-end modellen.

Tarieven, versies en beschikbaarheid

Het gamma van de Orbea Oiz Hydro begint met de H30 die 2799 euro moet kosten. Dat is 200 euro duurder dan de vorige generatie, maar het blijft een zeer concurrentiële prijs. Voor deze prijs krijg je Fox-veringen en een Shimano Deore-groep. Dan volgt de H20 met Sram NX/GX Eagle (3299 euro) die daarnaast ook is uitgerust met een dropper post. De H10 is uitgerust met een Shimano XT-afmontage en gaat voor 3699 euro over de toonbank.

De M30 is het eerste carbon model uit OMR-vezels en kost 3999 euro. Deze is uitgerust met een Shimano SLX/XT en dropper post. Dan volgt de M20 met Sram GX Eagle en XT-remmen. Dit model is het eerste model dat is uitgerust met aluminium wielen van Oquo en kost 4799 euro. De M11 AXS (5499 euro) is uitgerust met een GX AXS en tot slot is er de Oiz M10 met full Shimano XT-afmontage, Fox Factory-veringen en carbon Oquo Team-wielen (5699 euro).

Tot slot komen we bij de high-end modellen met het lichte OMX-frame. De M-Pro is daarbij het goedkoopste model en in ruil voor 6299 euro krijg je een Shimano XT/XTR, Fox Factory-veringen en carbon Oquo Team-wielen. De M-Pro AXS is uitgerust met een Sram GX AXS en kost 6999 euro. De M-Team, het model dat we hebben getest, is afgewerkt met een full XTR en de duurste carbon Oquo LTD-wielen. Kostprijs 7999 euro. De M-LTD is het topmodel dat voor 9999 euro over de toonbank gaat, inclusief een Sram XX1 AXS-groep. Er is ook een framekit verkrijgbaar van het OMX-frame, maar daarvan werd de prijs niet gecommuniceerd.

Orbea Oiz OMX Team 2023: de terreintest

Met de Orbea Oiz begeef ik me op bekend terrein, aangezien de vorige versie bijna drie jaar lang mijn persoonlijke fiets was. Het ging om een 120 millimeter-versie met veringen die door Sabma, het Fox Service Center in de Benelux, werden aangepast om dichter aan te leunen bij de kalibratie van de XC-versie die destijds een veerweg van 100 millimeter had. Dit soort hybridisatie werd ook op grote schaal overgenomen door de renners van het team, en de nieuwe versie van de Oiz maakt deze evolutie min of meer officieel. Wat de instellingen betreft, hoeven we de veringen niet te veel onder druk te zetten, aangezien we met de nieuwe settings kunnen beginnen met een sag van 25% zonder angst voor een vering die op en neer gaat deinen of voor een demper die te veel gaat inzakken.

Ondanks de vrij radicale veranderingen qua geometrie, voelde ik me al snel thuis aan zijn stuur. Ik koos echter nog steeds voor een large, ondanks het feit dat het frame langer is geworden. Volgens Orbea val ik met mijn 1m78 in de bovenste vork voor een medium, en in de laagste voor een large. Maar waar het voorheen een verplichting was om te opteren voor de L, is het nu meer een persoonlijke keuze. Het mag duidelijk zijn dat de fiets lang is en ik nam deze keuze voor meer stabiliteit/prestaties in plaats van gemak/fun/wendbaarheid.

Bij het accelereren viel de vorige Oiz vooral op door zijn lichte gewicht. Hier blijft deze karaktertrek bestaan, maar hij voegt duidelijk een mooie dosis stijfheid toe. Niet te veel, het frame blijft levendig en klaar om de klappen op te vangen. Op dit niveau eist hij duidelijk terug zijn plaatsje op naast referenties zoals de nieuwste Spark, een Cannondale Scalpel of een Canyon Lux World Cup.

Tijdens de langere beklimmingen overheerst het lichte gewicht van de fiets en wat je dan voelt is vooral de evolutie van de tussenpositie van de veringen. We zijn helemaal niet meer verplicht om alles op slot te doen om optimaal te kunnen presteren. In de tussenmodus hebben we een achterwielophanging die actief is op de reliëfs van het terrein en toch zeer neutraal blijft tijdens het trappen. Bij technische beklimmingen is dit een echt wapen! Hij klimt ongelooflijk goed en ondanks de korte liggende achtervork heeft hij helemaal niet de neiging om te steigeren. De keuze voor de large is in dit geval een voordeel, evenals de rechtere zitbuishoek waardoor het zwaartepunt meer naar voren kantelt. Het achterwiel kleeft aan de grond, de fiets is zijdelings stijf, stuurt nauwkeurig en klimt bijna vanzelf (zolang je de kracht hebt).

Een andere plaats waar deze tussenpositie van de vering zeer geschikt is, is wanneer je je in snelle en vrij vlakke singletracks bevindt, zonder veel reliëf op de grond. Door in deze tussenstand de compressie iets meer af te sluiten, profiteer je van iets meer steun en dynamiek van de fiets bij het herlanceren, zonder dat je wordt bestraft door de minste kiezelsteen of de geringste wortel. Vanuit het oogpunt van prestaties en efficiëntie is dit een echt pluspunt, en deze tussenstand is duidelijk beter gekalibreerd dan in het verleden.In de open positie biedt de demper ook meer ondersteuning dan op de vorige TR-versie van 120 millimeter. Je kunt er ook voor kiezen om, zelfs op rollende delen, in de volledig open modus te rijden voor meer comfort of grip, indien nodig. Zelfs in sommige beklimmingen kun je de vering open laten staan zonder echt bestraft te worden. De meer rechtgetrokken zitbuishoek helpt om te voorkomen dat de demper dichtklapt, dankzij het gewicht dat goed op de fiets verdeeld wordt.

Dan komt het moment om de balans op te maken. De vorige Oiz was al uitstekend en toegankelijk, maar de nieuwe zet een mooie stap vooruit. Het is vooral bij hoge snelheden dat we kunnen waarnemen dat het frame stijver is geworden en we niet langer de kleine trillingen voelen die we bij de vorige versie wel voelden. Toen mocht onze aandacht nooit verslappen. Hier maakt de hogere stijfheid (voornamelijk van de achterste driehoek) de Oiz 2023, paradoxaal genoeg, veiliger, gemakkelijker en stabieler op snelle afdalingen.

De balhoofdhoek van 67° benadeelt het rijgedrag op geen enkele manier, evenmin als het langere frame. De fiets gehoorzaamt nog steeds de vinger en het oog, terwijl hij smoother en iets minder nerveus van richting verandert. Conclusie, we genieten nog meer omdat we nog wat sneller rijden zonder bang te zijn. Nogmaals, de geometrie lijkt op papier misschien radicaler, maar in de praktijk maakt dit deze nieuwe versie zowel efficiënter voor ervaren rijders … als gemakkelijker voor bikers met een mindere technische achtergrond.

Vergeleken met andere XC-fietsen die ik heb mogen proberen, deed het gedrag van deze nieuwe Orbea Oiz me veel denken aan de nieuwste Scott Spark, ook al lijken ze visueel totaal niet op elkaar. Misschien is de Oiz wat lichter en dynamischer bij het relanceren. Ik heb de nieuwe BMC Fourstroke, die is uitgerust met zijn magische telescopische zadelpen die vanzelf naar beneden gaat, nog niet getest, maar een paar uitwisselingen met mijn collega Léo die de kans had om erop te rijden, doen me denken dat ze enigszins dezelfde filosofie delen. Er ontstaat een logica, want dit zijn drie van de meest eigentijdse XC-fietsen op de markt, die efficiëntie, veiligheid en plezier op een behoorlijk indrukwekkende manier combineren.

Verdict

Het volgen van de evoluties in competitie is niet altijd goed voor minder getrainde en minder technisch doorwinterde beoefenaars. Maar het komt ook voor dat veranderingen die aan de basis worden gedicteerd door het zoeken naar prestaties en efficiëntie, winstgevend zijn voor iedereen. Het is duidelijk dat dit hier het geval is. Dit geldt vooral voor de winst in stijfheid die de fiets niet veeleisender maakt, maar stabieler en voorspelbaarder. Dat geldt ook voor de geometrie die nog meer vertrouwen geeft zonder aan rijplezier in te boeten. Dit geldt iets minder voor de veringen, die meer gericht zijn op ondersteuning dan op comfort. Al maken ze de nieuwe Oiz niet moeilijk om mee te leven. Als je de vorige versie van de Oiz hebt, wees gerust, deze speelt nog steeds mee en je hoeft je niet per se te haasten om te veranderen. Aan de andere kant, als je van plan bent om te veranderen en/of als je op zoek bent naar wat duidelijk een van de allerbeste hedendaagse XC-fietsen is, ga ervoor. Bovendien blijven de prijzen gematigder dan bij veel concurrenten. Wederom slaat Orbea hard toe en vooral waar het nodig is.

Meer info via www.orbea.com

Foto’s zonder watermerk copyright Orbea